Arrest van het Hof (Zesde kamer) van 1 oktober 2009 – Commissie/Malta
(Zaak C‑252/08)
„Niet-nakoming – Verontreiniging en hinder – Stookinstallaties – Beperking van emissies van bepaalde verontreinigende stoffen in lucht”
Beroep wegens niet-nakoming – Onderzoek van gegrondheid door Hof – In aanmerking te nemen situatie – Situatie bij verstrijken van in met redenen omkleed advies gestelde termijn (Art. 226 EG) (cf. punt 7)
Voorwerp
Niet-nakoming – Schending van artikel 4, lid 1, juncto bijlagen IV A, VI A en VII A, en artikel 12 juncto bijlage VIII A.2 van richtlijn 2001/80/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2001 inzake de beperking van de emissies van bepaalde verontreinigende stoffen in de lucht door grote stookinstallaties (PB L 309, blz. 1) – Niet-inachtneming van de emissiegrenswaarden die zijn vastgesteld voor zwaveldioxide, stikstofoxiden en stof – Installaties te Delimara en te Marsa
Dictum
1)
Door richtlijn 2001/80/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2001 inzake de beperking van de emissies van bepaalde verontreinigende stoffen in de lucht door grote stookinstallaties niet correct toe te passen in het kader van de exploitatie van de stoomgenerator van fase I van de elektrische centrale te Delimara en de elektrische centrale te Marsa, is de Republiek Malta de verplichtingen niet nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 4, lid 1, juncto artikel 12 van deze richtlijn en krachtens de bijlagen IV A, VI A, VII A en VIII A, punt 2, bij deze richtlijn.
2)
De Republiek Malta wordt verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy