8.3.2008
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 64/28
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Højesteret (Denemarken) op 4 januari 2008 — Infopaq International A/S/Danske Dagblades Forening
(Zaak C-5/08)
(2008/C 64/41)
Procestaal: Deens
Verwijzende rechter
Højesteret
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Infopaq International A/S
Verwerende partij: Danske Dagblades Forening
Prejudiciële vragen
i)
Kunnen het opslaan en het daaropvolgende uitprinten van een tekstgedeelte van een artikel uit een dagblad, bestaande uit een zoekterm en de vijf daaraan voorafgaande en de vijf daaropvolgende woorden, worden aangemerkt als door artikel 2 van de infosoc-richtlijn (1) beschermde reproductiehandelingen?
ii)
Is het voor de beoordeling van de vraag of er sprake is van reproductiehandelingen van „voorbijgaande aard” in de zin van artikel 5, lid 1, van de infosoc-richtlijn, van belang in welke samenhang zij worden verricht?
iii)
Kan een tijdelijke reproductiehandeling als handeling van „voorbijgaande aard” worden aangemerkt, wanneer de reproductie wordt bewerkt, bijvoorbeeld door een grafisch bestand om te zetten in een tekstbestand of te zoeken naar een bepaalde tekstpassage op basis van een tekstbestand?
iv)
Kan een tijdelijke reproductiehandeling als handeling van „voorbijgaande aard” worden aangemerkt, wanneer een deel van de reproductie, bestaande uit een of meer tekstgedeelten van 11 woorden, wordt opgeslagen?
v)
Kan een tijdelijke reproductiehandeling als handeling van „voorbijgaande aard” worden aangemerkt, wanneer een deel van de reproductie, bestaande uit een of meer tekstgedeelten van 11 woorden, wordt uitgeprint?
vi)
Is het voor de beantwoording van de vraag of tijdelijke reproductiehandelingen „een integraal en essentieel onderdeel vormen van een technisch procédé” in de zin van artikel 5, lid 1, van de infosoc-richtlijn, van belang in welke fase van het technisch procédé zij worden verricht?
vii)
Kunnen tijdelijke reproductiehandelingen „een integraal en essentieel onderdeel vormen van een technisch procédé”, wanneer zij bestaan in het handmatig scannen van volledige krantenartikelen, waarbij de krantenartikelen van een gedrukt medium worden omgezet in een digitaal medium?
viii)
Kunnen tijdelijke reproductiehandelingen „een integraal en essentieel onderdeel vormen van een technisch procédé”, wanneer zij bestaan in het printen van een deel van de reproductie, bestaande uit een of meer tekstgedeelten van 11 woorden?
ix)
Omvat „rechtmatig gebruik” in de zin van artikel 5, lid 1, van de infosoc-richtlijn ieder gebruik waarvoor geen toestemming van de houder van het auteursrecht vereist is?
x)
Omvat „rechtmatig gebruik” overeenkomstig artikel 5, lid 1, van de infosoc-richtlijn het scannen van volledige krantenartikelen door een onderneming, de daaropvolgende bewerking van de reproductie, het opslaan en het eventuele uitprinten van een deel van de reproductie, bestaande uit een of meer tekstgedeelten van 11 woorden, met het oog op het schrijven van samenvattingen door de onderneming, ook al heeft de houder van het auteursrecht voor het verrichten van deze handelingen geen toestemming verleend?
xi)
Op grond van welke criteria dient te worden beoordeeld of tijdelijke reproductiehandelingen een „zelfstandige economische waarde” bezitten in de zin van artikel 5, lid 1, van de infosoc-richtlijn, indien aan de overige voorwaarden van de bepaling is voldaan?
xii)
Kan de efficiëntiewinst die de tijdelijke reproductiehandelingen voor de gebruiker opleveren, een rol spelen bij de beoordeling van de vraag of de handelingen een „zelfstandige economische waarde” bezitten in de zin van artikel 5, lid 1, van de infosoc-richtlijn?
xiii)
Kan het scannen van volledige krantenartikelen door een onderneming, de daaropvolgende bewerking van de reproductie, het opslaan en het eventuele uitprinten van een deel van de reproductie, bestaande uit een of meer tekstgedeelten van 11 woorden, zonder dat daarvoor toestemming is verleend door de houder van het auteursrecht, aangemerkt worden als „bepaalde bijzondere gevallen” waarbij „geen afbreuk wordt gedaan aan de normale exploitatie van” krantenartikelen en waarbij „de wettige belangen van de rechthebbende niet onredelijk worden geschaad” in de zin van artikel 5, lid 5?
(1) Richtlijn 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij (PB L 167, blz. 10).
Full & Egal Universal Law Academy