5.7.2008
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 171/13
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Tallinna Halduskohus (Republiek Estland) op 7 april 2008 — AS Rakvere Lihakombinaat/Põllumajandusminister en Maksu- ja Tolliameti Ida maksu- ja tollikeskus
(Zaak C-140/08)
(2008/C 171/23)
Procestaal: Ests
Verwijzende rechter
Tallinna Halduskohus
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: AS Rakvere Lihakombinaat
Verwerende partijen: Põllumajandusminister en Maksu- ja Tolliameti Ida maksu- ja tollikeskus
Prejudiciële vragen
1)
Moet bevroren separatorvlees dat is verkregen door het mechanisch uitbenen van kippen (het begrip separatorvlees is voor het eerst bepaald in punt 1.14 van bijlage I bij verordening (EG) nr. 853/2004 (1) van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong), worden ingedeeld onder GN-code 0207 14 10 of onder GN-code 0207 14 99 van bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 (2) van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, zoals van toepassing op 1 mei 2004?
2)
Indien het in vraag 1.1 beschreven product onder GN-code 0207 14 10 moet worden ingedeeld, wordt verzocht om een prejudiciële beslissing over de volgende vragen:
2.1
Is het onverenigbaar met artikel 4, leden 1 en 2, van verordening (EG) nr. 1972/2003 (3) van de Commissie, dat de omvang van de overtollige voorraad van een marktdeelnemer aldus wordt vastgesteld, dat automatisch van de overtollige voorraad (als overdrachthoeveelheid) wordt afgetrokken de met factor 1,2 vermenigvuldigde gemiddelde voorraad van de marktdeelnemer op 1 mei van de laatste vier productiejaren voor 1 mei 2004?
Indien deze vraag bevestigend wordt beantwoord, zou het antwoord dan anders luiden indien bij de bepaling van de omvang van de overdrachthoeveelheid en van de overtollige voorraad eveneens rekening kan worden gehouden met een toename van het productie-, verwerkings- of verkoopvolume van de marktdeelnemer, de tijd voor het rijpen van het landbouwproduct, de tijd voor de vorming van de voorraden alsmede andere, van de marktdeelnemer onafhankelijke omstandigheden?
2.2
Is het verenigbaar met het doel van verordening (EG) nr. 1972/2003 van de Commissie dat de belasting op overtollige voorraad ook wordt geheven wanneer bij de marktdeelnemer op 1 mei 2004 een overtollige voorraad wordt vastgesteld, maar hij kan aantonen geen daadwerkelijk voordeel in de vorm van een prijsverschil te hebben behaald uit het op de markt brengen van de overtollige voorraad na 1 mei 2004?
(1) PB L 139, blz. 55.
(2) PB L 256, blz. 1.
(3) Verordening (EG) nr. 1972/2003 van de Commissie van 10 november 2003 betreffende de overgangsmaatregelen die voor het handelsverkeer van landbouwproducten moeten worden vastgesteld wegens de toetreding van Tsjechië, Estland, Cyprus, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slovenië en Slowakije (PB L 293, blz. 3).
Full & Egal Universal Law Academy