27.9.2008
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 247/3
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door het Hof van Cassatie van België op 19 juni 2008 — Belgische Staat tegen Direct Parcel Distribution Belgium NV
(Zaak C-264/08)
(2008/C 247/05)
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Hof van Cassatie van België
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekster: Belgische Staat
Verweerster: Direct Parcel Distribution Belgium NV
Prejudiciële vragen
1)
Is de boeking waarvan sprake in artikel 221 van het Communautair Douanewetboek (1), de boeking als bedoeld in artikel 217, die erin bestaat dat het bedrag aan rechten door de douaneautoriteiten wordt geregistreerd in de boekhouding of op iedere andere drager die als zodanig dienst doet?
2)
Indien de eerste vraag bevestigend wordt beantwoord, hoe dient het in artikel 217 van het Communautair Douanewetboek bepaalde voorschrift dat het bedrag van de rechten „in de boekhouding of op iedere andere drager die als zodanig dienst doet, te worden geregistreerd” te worden ingevuld? Zijn daar bepaalde technische of vormelijke minimumvereisten aan verbonden of laat artikel 217 de vaststelling van de nadere regels voor de praktijk van de boeking van de bedragen aan rechten volledig over aan de lidstaten, zonder daar enige minimumvereiste aan te verbinden? Is die boeking te onderscheiden van de opneming van het bedrag van de rechten in de boekhouding van de eigen middelen als bedoeld in het artikel 6 van verordening nr. 1150/2000 (2) van 22 mei 2000 houdende toepassing van besluit 94/728/EG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschap?
3)
Dient het artikel 221.1 van het Communautair Douanewetboek in die zin te worden begrepen dat een kennisgeving op de daartoe geëigende wijze van het bedrag aan rechten door de douaneautoriteiten aan de schuldenaar enkel dan als de in artikel 221.1 bedoelde mededeling van het bedrag aan rechten aan de schuldenaar kan worden aangemerkt, indien het bedrag aan rechten door de douaneautoriteiten werd geboekt alvorens het aan de schuldenaar werd ter kennis gebracht? Wat dient verder te worden begrepen onder de in artikel 221.1 vermelde termen „op een daartoe geëigende wijze”?
4)
Indien de derde vraag bevestigend wordt beantwoord, kan er een vermoeden bestaan ten voordele van de Staat dat de boeking van het bedrag aan rechten voor de mededeling ervan aan de schuldenaar heeft plaatsgevonden? Kan de nationale rechter verder uitgaan van een vermoeden van waarheid gehecht aan de verklaring van de douaneautoriteiten dat het bedrag aan rechten is geboekt voor de mededeling ervan aan de schuldenaar of dienen die autoriteiten voor de nationale rechter systematisch het schriftelijk bewijs te leveren van de boeking van het bedrag aan rechten?
5)
Moet de in artikel 221.1 van het Communautair Douanewetboek vereiste boeking van het bedrag aan rechten voor de mededeling ervan aan de schuldenaar, gebeuren op straffe van nietigheid of verval van de in- of navordering van de douaneschuld? Met andere woorden, dient het artikel 221.1 in die zin te worden begrepen dat, indien het bedrag aan rechten op de daartoe geëigende wijze door de douaneautoriteiten aan de schuldenaar ter kennis wordt gebracht, maar zonder dat het bedrag van de rechten voorafgaandelijk aan die kennisgeving door de douaneautoriteiten werd geboekt, het bedrag aan rechten niet kan worden ingevorderd, waardoor de douaneautoriteiten, om het bedrag alsnog te kunnen invorderen, het bedrag aan rechten opnieuw op de daartoe geëigende wijze ter kennis moeten brengen aan de schuldenaar nadat het bedrag van de rechten werd geboekt en voor zover zulks gebeurt binnen de in artikel 221 van het Communautair Douanewetboek geldende verjaringstermijn?
6)
Indien de vijfde vraag bevestigend wordt beantwoord, wat is het gevolg van de betaling door de schuldenaar van het bedrag aan rechten dat aan hem werd medegedeeld zonder dat het vooraf werd geboekt? Dient dit te worden aangezien als een onverschuldigde betaling die hij kan terugvorderen van de Staat?
(1) PB 1992 L 302, blz. 1.
(2) PB L 130, blz. 1.
Full & Egal Universal Law Academy