8.11.2008
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 285/25
Hogere voorziening ingesteld op 14 augustus 2008 door Atlantic Dawn Ltd, Antarctic Fishing Co. Ltd, Atlantean Ltd, Killybegs Fishing Enterprises Ltd, Doyle Fishing Co. Ltd, Western Seaboard Fishing Co. Ltd, O'Shea Fishing Co. Ltd, Aine Fishing Co. Ltd, Brendelen Ltd, Cavankee Fishing Co. Ltd, Ocean Trawlers Ltd, Eileen Oglesby, Noel McGing, Mullglen Ltd, Bradan Fishing Co. Ltd, Larry Murphy, Pauric Conneely, Thomas Flaherty, Carmarose Trawling Co. Ltd en Colmcille Fishing Ltd tegen de beschikking van het Gerecht van eerste aanleg (Zevende kamer) van 2 juni 2008 in zaak T-172/07, Atlantic Dawn Ltd, Antarctic Fishing Co. Ltd, Atlantean Ltd, Killybegs Fishing Enterprises Ltd, Doyle Fishing Co. Ltd, Western Seaboard Fishing Co. Ltd, O'Shea Fishing Co. Ltd, Aine Fishing Co. Ltd, Brendelen Ltd, Cavankee Fishing Co. Ltd, Ocean Trawlers Ltd, Eileen Oglesby, Noel McGing, Mullglen Ltd, Bradan Fishing Co. Ltd, Larry Murphy, Pauric Conneely, Thomas Flaherty, Carmarose Trawling Co. Ltd, Colmcille Fishing Ltd/Commissie van de Europese Gemeenschappen
(Zaak C-372/08 P)
(2008/C 285/40)
Procestaal: Engels
Partijen
Rekwiranten: Atlantic Dawn Ltd, Antarctic Fishing Co. Ltd, Atlantean Ltd, Killybegs Fishing Enterprises Ltd, Doyle Fishing Co. Ltd, Western Seaboard Fishing Co. Ltd, O'Shea Fishing Co. Ltd, Aine Fishing Co. Ltd, Brendelen Ltd, Cavankee Fishing Co. Ltd, Ocean Trawlers Ltd, Eileen Oglesby, Noel McGing, Mullglen Ltd, Bradan Fishing Co. Ltd, Larry Murphy, Pauric Conneely, Thomas Flaherty, Carmarose Trawling Co. Ltd, Colmcille Fishing Ltd (vertegenwoordigers: G. Hogan, SC, N. Travers, BL, T. O'Sullivan, BL, D. Barry, solicitor)
Andere partijen in de procedure: Commissie van de Europese Gemeenschappen, Koninkrijk Spanje
Conclusies
Rekwiranten verzoeken het Hof:
—
de beschikking van het Gerecht van eerste aanleg in zijn geheel te vernietigen;
—
de zaak naar het Gerecht van eerste aanleg te verwijzen om ten gronde te beslissen op het ingestelde beroep, waarbij de door de Commissie op 7 september 2007 opgeworpen exceptie van niet-ontvankelijkheid eveneens in het kader van deze uitspraak ten gronde dient te worden beoordeeld;
—
de Commissie te verwijzen in de kosten van rekwiranten van de onderhavige hogere voorziening.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter onderbouwing van hun hogere voorziening stellen rekwiranten dat de bestreden beschikking het gemeenschapsrecht op drie punten heeft geschonden. Rekwiranten stellen in de eerste plaats dat het Gerecht van eerste aanleg artikel 20 van verordening nr. 2371/2002 (1), in het bijzonder de omvang van de residuele bevoegdheid van de lidstaten krachtens artikel 20, lid 3, ervan, onjuist heeft uitgelegd. In de tweede plaats heeft het Gerecht artikel 20, lid 5, onjuist uitgelegd, doordat het onder verwijzing naar de mogelijkheid van de lidstaten om de quota onderling te ruilen, heeft uitgesloten dat rekwiranten rechtstreeks worden geraakt. Ten slotte is het Gerecht ten onrechte voorbijgegaan aan het gegeven dat rekwiranten, als een gesloten groep van personen, rechtstreeks worden geraakt door de aangevochten verordening.
(1) Verordening (EG) nr. 2371/2002 van 20 december 2002 inzake de instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden in het kader van het gemeenschappelijk visserijbeleid (PB L 358, blz. 59).
Full & Egal Universal Law Academy