27.8.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 252/49
Arrest van het Gerecht voor ambtenarenzaken (Tweede kamer) van 14 april 2011 — Clarke e.a./BHIM
(Zaak F-82/08) (1)
(Openbare dienst - Tijdelijke functionarissen - Artikel 8 RAP - Clausule om overeenkomst te beëindigen wanneer functionaris niet wordt opgenomen op reservelijst van vergelijkend onderzoek - Algemene vergelijkende onderzoeken BHIM/AD/02/07 en BHIM/AST/02/07 - Bezwarend besluit - Beginsel van uitvoering te goeder trouw van overeenkomsten - Zorgplicht - Beginsel van behoorlijk bestuur - Taalkundige vereisten - Onbevoegdheid van het EPSO - Richtlijn 1999/70/EG - Werk voor bepaalde tijd)
2011/C 252/103
Procestaal: Duits
Partijen
Verzoekende partijen: Nicole Clarke e.a. (Alicante, Spanje) (vertegenwoordiger: H. Tettenborn, advocaat)
Verwerende partij: Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen) (vertegenwoordigers: I. de Medrano Caballero, gemachtigde, bijgestaan door D. Waelbroeck, advocaat)
Voorwerp
Enerzijds, nietigverklaring van de in verzoeksters’ overeenkomsten opgenomen clausule op grond waarvan deze automatisch worden beëindigd indien verzoeksters niet op de reservelijst van het eerste algemeen vergelijkend onderzoek voor hun functies worden geplaatst. Anderzijds, vaststelling dat de vergelijkende onderzoeken BHIM/AD/02/07 en BHIM/AST/02/02 geen gevolg hebben voor verzoeksters’ overeenkomsten dan wel nietigverklaring van die vergelijkende onderzoeken. Voorts veroordeling van het BHIM tot vergoeding van verzoeksters’ immateriële schade
Dictum
1)
Het besluit van de directeur personeelszaken van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen) (BHIM) van 19 december 2007 en het besluit van het BHIM van 7 maart 2008, voor zover bij laatstgenoemd besluit de verzoeken van Clark, Papathanasiou en Periañez-González om de in hun overeenkomst van tijdelijk functionaris opgenomen beëindigingsclausule niet toe te passen met betrekking tot de vergelijkende onderzoeken BHIM/AD/02/07 en BHIM/AST/02/07 zijn afgewezen, worden nietig verklaard.
2)
Het BHIM wordt veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van 2 000 EUR een elke verzoekster.
3)
Het beroep wordt voor het overige afgewezen.
4)
Het BHIM zal zijn eigen en verzoeksters’ kosten dragen.
(1) PB C 19 van 24.1.2009, blz. 38.
Full & Egal Universal Law Academy