Arrest van het Gerecht (Achtste kamer) van 8 juli 2009 – Mineralbrunnen Rhön-Sprudel Egon Schindel/BHIM – Schwarzbräu (Alaska)
(Zaak T‑226/08)
„Gemeenschapsmerk – Nietigheidsprocedure – Gemeenschapswoordmerk Alaska – Absolute weigeringsgrond – Geen beschrijvend karakter – Artikel 7, lid 1, sub c, van verordening (EG) nr. 40/94 [thans artikel 7, lid 1, sub c, van verordening (EG) nr. 207/2009]”
Gemeenschapsmerk – Afstand, verval en nietigheid – Absolute nietigheidsgronden (Verordening nr. 40/94 van de Raad, art. 7, lid 1, sub c, en 51, lid 1, sub a) (cf. punten 22, 36, 38)
Voorwerp
Beroep tegen de beslissing van de vierde kamer van beroep van het BHIM van 8 april 2008 (zaak R 1124/2004‑4) inzake een nietigheidsprocedure tussen Mineralbrunnen Rhön-Sprudel Egon Schindel GmbH en Schwarzbräu GmbH
Gegevens betreffende de zaak
Ingeschreven gemeenschapsmerk waarvan nietigverklaring is gevorderd:
woordmerk Alaska voor waren van klasse 32 – gemeenschapsmerk nr. 505503
Houder van het gemeenschapsmerk:
Schwarzbräu GmbH
Partij die nietigverklaring van het gemeenschapsmerk vordert:
Mineralbrunnen Rhön-Sprudel Egon Schindel GmbH
Beslissing van de nietigheidsafdeling:
gedeeltelijke toewijzing van de vordering tot vaststelling van nietigheid van het betrokken merk
Beslissing van de kamer van beroep:
vernietiging van de bestreden beslissing en afwijzing van de vordering tot vaststelling van nietigheid van het betrokken merk
Dictum
1)
Het beroep wordt verworpen.
2)
Rhön-Sprudel Egon Schindel GmbH wordt verwezen in haar eigen kosten alsmede in de kosten van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen) (BHIM).
3)
Schwarzbräu GmbH zal haar eigen kosten dragen.
Full & Egal Universal Law Academy