17.4.2010
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 100/9
Arrest van het Hof (Achtste kamer) van 25 februari 2010 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Korkein hallinto-oikeus — Finland) — procedure ingeleid door Lahti Energia Oy
(Zaak C-209/09) (1)
(Richtlijn 2000/76/EG - Verbranding van afval - Verbrandingsinstallatie - Meeverbrandingsinstallatie - Complex bestaande uit vergassingsinstallatie en krachtcentrale - Verbranding in krachtcentrale van niet-gereinigd gas uit thermische behandeling van afval in vergassingsinstallatie)
2010/C 100/12
Procestaal: Fins
Verwijzende rechter
Korkein hallinto-oikeus
Partij in het hoofdgeding
Lahti Energia Oy
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Korkein hallinto–oikeus — Uitlegging van artikel 3 van richtlijn 2000/76/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 december 2000 betreffende de verbranding van afval (PB L 332, blz. 91) — Complex, bestaande uit een vergassingsinstallatie waar gas wordt geproduceerd uit afval, en een krachtcentrale, in de ketel waarvan het door thermische behandeling van het afval in de vergassingsinstallatie verkregen gas wordt verbrand — Verbranding van ongereinigd in plaats van gereinigd gas in de ketel van de krachtcentrale
Dictum
Een krachtcentrale die als aanvullende brandstof naast de fossiele brandstoffen die zij voor haar productie overwegend gebruikt, gas gebruikt dat in een installatie uit thermische afvalbehandeling wordt gewonnen, moet tezamen met deze installatie worden beschouwd als een „meeverbrandingsinstallatie” in de zin van artikel 3, punt 5, van richtlijn 2000/76/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 december 2000 betreffende de verbranding van afval, wanneer dit gas niet in deze installatie is gereinigd.
(1) PB C 193 van 15.8.2009.
Full & Egal Universal Law Academy