28.8.2010
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 234/13
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 1 juli 2010 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Hof van Beroep te Antwerpen — België) — Gerhard Dijkman, Maria Dijkman-Lavaleije/Belgische Staat
(Zaak C-233/09) (1)
(Vrij verrichten van diensten - Vrij verkeer van kapitaal - Directe belastingen - Verschil in behandeling naargelang van plaats van investering of belegging)
2010/C 234/18
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Hof van Beroep te Antwerpen
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Gerhard Dijkman, Maria Dijkman-Lavaleije
Verwerende partij: Belgische Staat
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Hof van Beroep te Antwerpen (België) — Nationale regeling inzake inkomstenbelasting — Berekening van gemeentelijke opcentiemen op basis van bedrag van inkomstenbelasting — Bevrijdende roerende voorheffing — Verschil in behandeling naargelang van plaats van investering of belegging — Verenigbaarheid met artikel 56, lid 1, EG
Dictum
Artikel 56 EG verzet zich tegen een wettelijke regeling van een lidstaat volgens welke ingezeten belastingplichtigen van deze lidstaat die interesten of dividenden uit beleggingen of investeringen in een andere lidstaat ontvangen, onderworpen zijn aan een aanvullende gemeentebelasting wanneer zij er niet voor hebben geopteerd zich deze roerende inkomsten te laten uitbetalen door een in hun woonstaat gevestigde tussenpersoon, terwijl soortgelijke inkomsten die voortvloeien uit beleggingen of investeringen in hun woonstaat niet hoeven te worden aangegeven en in dat geval ook niet onderworpen zijn aan de aanvullende gemeentebelasting, aangezien zij reeds aan een bronheffing zijn onderworpen.
(1) PB C 220 van 12.9.2009.
Full & Egal Universal Law Academy