15.1.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 13/14
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 18 november 2010 — NDSHT Nya Destination Stockholm Hotell & Teaterpaket AB/Europese Commissie
(Zaak C-322/09 P) (1)
(Hogere voorziening - Staatssteun - Klacht van concurrent - Ontvankelijkheid - Verordening (EG) nr. 659/1999 - Artikelen 4, 10, 13 en 20 - Beschikking van Commissie om onderzoek van klacht niet voort te zetten - Kwalificatie van maatregelen door Commissie deels als maatregelen die geen staatssteun vormen en deels als met gemeenschappelijke markt verenigbare bestaande steunmaatregelen - Artikel 230 EG - Begrip „voor beroep vatbare handeling”)
2011/C 13/22
Procestaal: Engels
Partijen
Rekwirante: NDSHT Nya Destination Stockholm Hotell & Teaterpaket AB (vertegenwoordigers: M. Merola en L. Armati, avvocati)
Andere partij in de procedure: Europese Commissie (vertegenwoordigers: L. Flynn en T. Scharf, gemachtigden)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Eerste kamer) van 9 juni 2009, NDSHT/Commissie (T-152/06), waarbij het Gerecht niet-ontvankelijk heeft verklaard een beroep tot nietigverklaring van de in de brieven van 24 maart en 28 april 2006 vervatte beschikking van de Commissie om de procedure van artikel 88, lid 2, EG niet in te leiden, gegeven naar aanleiding van een klacht van rekwirante betreffende steun die de Zweedse autoriteiten aan Stockholm Visitors Board AB zouden hebben verleend in de vorm van verschillende soorten door de stad Stockholm toegekende subsidies — Voor beroep vatbare handelingen
Dictum
1)
Het arrest van het Gerecht van eerste aanleg van de Europese Gemeenschappen van 9 juni 2009, NDSHT/Commissie (T-152/06), wordt vernietigd.
2)
De door de Commissie van de Europese Gemeenschappen voor het Gerecht opgeworpen exceptie van niet-ontvankelijkheid wordt verworpen.
3)
De zaak wordt verwezen naar het Gerecht van de Europese Unie voor een uitspraak over de conclusies van NDSHT Nya Destination Stockholm Hotell & Teaterpaket AB strekkende tot nietigverklaring van de in de brieven van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 24 maart en 28 april 2006 vervatte beschikking om het onderzoek van de door deze vennootschap ingediende klacht betreffende onrechtmatige staatssteun die door de stad Stockholm aan Stockholm Visitors Board AB zou zijn verleend, niet voort te zetten.
4)
De beslissing omtrent de kosten wordt aangehouden.
(1) PB C 233 van 26.06.2009, blz. 12.
Full & Egal Universal Law Academy