26.2.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 63/7
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 22 december 2010 — Europese Commissie/Republiek Malta
(Zaak C-351/09) (1)
(Niet-nakoming - Milieu - Richtlijn 2000/60/EG - Artikelen 8 en 15 - Toestand van landoppervlaktewater - Opstellen en operationeel maken van monitoringsprogramma’s - Nalaten - Voorlegging van beknopte verslagen over die monitoringsprogramma’s - Nalaten)
2011/C 63/13
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: S. Pardo Quintillán en K. Xuereb, gemachtigden)
Verwerende partij: Republiek Malta (vertegenwoordigers: S. Camilleri, D. Mangion, P. Grech en Y. Rizzo, gemachtigden)
Voorwerp
Niet-nakoming — Schending van de artikelen 8 en 15 van richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PB L 327, blz. 1) — Verplichting om programma’s voor de monitoring van de toestand van oppervlaktewater op te stellen en operationeel te maken — Verplichting om beknopte verslagen voor te leggen over de programma’s voor de monitoring van de oppervlaktewateren
Dictum
1)
Door na te laten programma’s voor de monitoring van de toestand van het landoppervlaktewater op te stellen en operationeel te maken overeenkomstig artikel 8, leden 1 en 2, van richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid, en door na te laten beknopte verslagen voor te leggen over de programma’s voor de monitoring van de toestand van het landoppervlaktewater overeenkomstig artikel 15, lid 2, van deze richtlijn, is de Republiek Malta de krachtens de artikelen 8 en 15 van deze richtlijn op haar rustende verplichtingen niet nagekomen.
2)
De Republiek Malta wordt verwezen in de kosten.
(1) PB C 267 van 7.11.2009.
Full & Egal Universal Law Academy