2.4.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 103/6
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 3 februari 2011 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Fővárosi Ítélőtábla — Hongarije) — Donat Cornelius Ebert/Budapesti Ügyvédi Kamara
(Zaak C-359/09) (1)
(Advocaten - Richtlijn 89/48/EEG - Erkenning van hoger-onderwijsdiploma’s waarmee beroepsopleidingen van ten minste drie jaar worden afgesloten - Richtlijn 98/5/EG - Permanente uitoefening van beroep van advocaat in andere lidstaat dan die waar beroepskwalificatie is verworven - Gebruik van beroepstitel van lidstaat van ontvangst - Voorwaarden - Inschrijving in register van beroepsorde van advocaten van lidstaat van ontvangst)
2011/C 103/08
Procestaal: Hongaars
Verwijzende rechter
Fővárosi Ítélőtábla
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Donat Cornelius Ebert
Verwerende partij: Budapesti Ügyvédi Kamara
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Fővárosi Ítélőtábla — Uitlegging van richtlijn 89/48/EEG van de Raad van 21 december 1988 betreffende een algemeen stelsel van erkenning van hoger-onderwijsdiploma’s waarmee beroepsopleidingen van ten minste drie jaar worden afgesloten (PB L 19, blz. 16) en van richtlijn 98/5/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 ter vergemakkelijking van de permanente uitoefening van het beroep van advocaat in een andere lidstaat dan die waar de beroepskwalificatie is verworven (PB L 77, blz. 36) — Regeling van een lidstaat die de uitoefening van het beroep van advocaat onder de beroepstitel van deze staat voorbehoudt aan advocaten die in deze staat zijn ingeschreven bij de orde van advocaten
Dictum
1)
Noch richtlijn 89/48/EEG van de Raad van 21 december 1988 betreffende een algemeen stelsel van erkenning van hoger-onderwijsdiploma’s waarmee beroepsopleidingen van ten minste drie jaar worden afgesloten, zoals gewijzigd bij richtlijn 2001/19/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 mei 2001, noch richtlijn 98/5/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 ter vergemakkelijking van de permanente uitoefening van het beroep van advocaat in een andere lidstaat dan die waar de beroepskwalificatie is verworven, verzet zich tegen een nationale wettelijke regeling die voor de uitoefening van het beroep van advocaat onder de titel van advocaat van de ontvangende lidstaat, het lidmaatschap van een organisatie als een orde van advocaten verplicht stelt.
2)
Richtlijn 89/48 en richtlijn 98/5 vullen elkaar aan in die zin dat zij voor de advocaten van de lidstaten voorzien in twee manieren van toegang tot het beroep van advocaat in een ontvangende lidstaat onder de beroepstitel van die lidstaat.
(1) PB C 312 van 19.12.2009.
Full & Egal Universal Law Academy