3.12.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 355/3
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 13 oktober 2011 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door het Hof van Beroep te Brussel — België) — Airfield NV, Canal Digitaal BV (C-431/09)/Belgische Vereniging van Auteurs, Componisten en Uitgevers CVBA (Sabam) (C-431/09), Airfield NV (C-432/09)/Agicoa Belgium BVBA (C-432/09)
(Gevoegde zaken C-431/09 en C-432/09) (1)
(Auteursrecht - Satellietomroep - Richtlijn 93/83/EEG - Artikelen 1, lid 2, sub a, en 2 - Mededeling aan publiek per satelliet - Aanbieder van satellietpakket - Eenheid van mededeling aan publiek per satelliet - Verantwoordelijkheid voor deze mededeling - Toestemming van houders van auteursrechten voor deze mededeling)
2011/C 355/03
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Hof van Beroep te Brussel
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Airfield NV, Canal Digitaal BV (C-431/09), Airfield NV (C-432/09)
Verwerende partijen: Belgische Vereniging van Auteurs, Componisten en Uitgevers CVBA (Sabam) (C-431/09), Agicoa Belgium BVBA (C-432/09)
Voorwerp
Verzoeken om een prejudiciële beslissing — Hof van beroep te Brussel — Uitlegging van de artikelen 1, lid 2, sub a, en b, en 2 van richtlijn 93/83/EEG van de Raad van 27 september 1993 tot coördinatie van bepaalde voorschriften betreffende het auteursrecht en naburige rechten op het gebied van de satellietomroep en de doorgifte via de kabel (PB L 248, blz. 15) — Uitsluitend recht van de auteur om de mededeling van zijn werk toe te staan — Uitzending door een omroeporganisatie van programmadragende signalen bestemd voor digitale televisie via een autonome satelliet — Daaropvolgende doorgifte van deze signalen — Toestemming van de houders van de rechten
Dictum
Artikel 2 van richtlijn 93/83/EEG van de Raad van 27 september 1993 tot coördinatie van bepaalde voorschriften betreffende het auteursrecht en naburige rechten op het gebied van de satellietomroep en de doorgifte via de kabel, moet aldus worden uitgelegd dat een aanbieder van een satellietpakket voor zijn interventie in de directe en de indirecte doorgifte van televisieprogramma’s als die welke in de hoofdgedingen aan de orde zijn, toestemming van de betrokken rechthebbenden moet verkrijgen, tenzij deze rechthebbenden met de betrokken omroeporganisatie zijn overeengekomen dat de beschermde werken ook via deze aanbieder aan het publiek worden meegedeeld, op voorwaarde dat, in dat laatste geval, de interventie van deze aanbieder deze werken niet voor een nieuw publiek toegankelijk maakt.
(1) PB C 24 van 30.1.2010.
Full & Egal Universal Law Academy