Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 7 april 2011 – Commissie/Finland
(Zaak C‑405/09)
„Niet-nakoming – Eigen middelen van Unie – Procedures tot heffing van rechten bij invoer of bij uitvoer –Vertraging bij vaststelling van eigen middelen betreffende deze rechten”
Eigen middelen van de Europese Unie – Vaststelling en terbeschikkingstelling door lidstaten – Boeking op credit van rekening van Commissie – Vertraagde boeking – Niet-nakoming – Verplichting tot betaling van vertragingsrente (Verordeningen van de Raad nr. 1552/89, art. 2, 6 en 9 tot en met 11, nr. 2913/92, art. 220, en nr. 1150/2000, art. 2, 6 en 9 tot en met 11) (cf. punten 35‑39, 41, 49‑51 en dictum)
Voorwerp
Niet-nakoming – Schending van de artikelen 2, 6 en 9 tot en met 11 van verordening (EEG, Euratom) nr. 1552/89 van de Raad van 29 mei 1989 houdende toepassing van besluit 88/376/EEG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Gemeenschappen (PB L 155, blz. 1) en verordening (EG, Euratom) nr. 1150/2000 van de Raad van 22 mei 2000 houdende toepassing van besluit 94/728/EG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen (PB L 130, blz. 1) alsmede van artikel 220 van verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (PB L 302, blz. 1) – Niet-inachtneming, in geval van navordering, van de voor de vaststelling en de boeking van de eigen middelen van de Gemeenschap vastgestelde termijnen
Dictum
1)
Door een administratieve procedure toe te passen volgens welke de eigen middelen van de Europese Unie pas worden vastgesteld na afloop van de aan de schuldenaar verleende termijn van ten minste veertien dagen voor het indienen van opmerkingen en door zich in geval van navordering niet te houden aan de termijnen die voor de boeking van die middelen zijn voorgeschreven, waardoor de betaling van de middelen vertraging oploopt, is de Republiek Finland de verplichtingen niet nagekomen die op haar rusten krachtens de artikelen 2, 6 en 9 tot en met 11 van verordening (EEG, Euratom) nr. 1552/89 van de Raad van 29 mei 1989 houdende toepassing van besluit 88/376/EEG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Gemeenschappen, zoals gewijzigd bij verordening (Euratom, EG) nr. 1355/96 van de Raad van 8 juli 1996, en van verordening (EG, Euratom) nr. 1150/2000 van de Raad van 22 mei 2000 houdende toepassing van besluit 94/728/EG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen, alsmede krachtens artikel 220 van verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek.
2)
De Republiek Finland wordt verwezen in de kosten.
3)
De Bondsrepubliek Duitsland draagt haar eigen kosten.
Full & Egal Universal Law Academy