4.4.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 82/16
Hogere voorziening ingesteld op 28 januari 2009 door Transportes Evaristo Molina SA tegen de beschikking van het Gerecht van eerste aanleg (Vierde kamer) van 14 november 2008 in zaak T-45/08, Transportes Evaristo Molina SA/Commissie van de Europese Gemeenschappen
(Zaak C-36/09 P)
(2009/C 82/30)
Procestaal: Spaans
Partijen
Rekwirante: Transportes Evaristo Molina SA (vertegenwoordigers: A. Hernández Pardo, S. Beltrán Ruiz en L. Ruiz Ezquerra, advocaten)
Andere partij in de procedure: Commissie van de Europese Gemeenschappen
Conclusies
—
de beschikking van het Gerecht van eerste aanleg van 14 november 2008 in zaak T-45/08 in haar geheel vernietigen en, voor het geval dat het Hof oordeelt over voldoende gegevens te beschikken om uitspraak ten gronde te doen over het bij het Gerecht van eerste aanleg ingestelde beroep:
—
alvorens op de grond van de zaak in te gaan, vaststellen dat het door Transportes Evaristo Molina SA in haar beroep tot nietigverklaring gevraagde bewijs relevant is en gelasten dat dit bewijs wordt geleverd, en
—
het door Transportes Evaristo Molina SA in eerste aanleg gevorderde volledig toewijzen, te weten nietigverklaring van de beschikking van de Commissie van 12 april 2006 (1) betreffende een procedure overeenkomstig artikel 81 [EG], zaak COMP/B-1/38.348 — Repsol CPP, wegens inbreuk op artikel 9 van verordening (EG) nr. 1/2003 (2) alsook op de in het beroep tot nietigverklaring genoemde beginselen van gemeenschapsrecht, artikel 81 EG zelf, de in artikel 81, lid 3, EG genoemde groepsvrijstellingsverordeningen, verordening (EEG) nr. 1984/83 (3) en verordening (EG) nr. 2790/99 (4);
—
de Commissie van de Europese Gemeenschappen verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
a)
De „dies a quo”, waarop de in artikel 230 EG gestelde termijn moest ingaan, was de dag vanaf dewelke TRANSPORTES EVARISTO MOLINA SA door de litigieuze beschikking (beschikking van de Europese Commissie van 12 april 2006, zaak COMP/B-1/38.348 — REPSOL CPP) rechtstreeks en individueel werd geraakt.
b)
Mocht het Hof oordelen dat TRANSPORTES EVARISTO MOLINA SA haar beroep tot nietigverklaring te laat heeft ingesteld, dan moet volgens rekwirante de niet-naleving van de gestelde termijn verschoonbaar worden geacht, aangezien het gedrag van de Europese Commissie bij rekwirante tot verwarring heeft geleid.
(1) Beschikking 2006/446/EG (samenvatting bekendgemaakt in PB L 176, blz. 104).
(2) Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad van 16 december 2002 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 [EG] en 82 [EG] (PB 2003, L 1, blz. 1).
(3) Verordening (EEG) nr. 1984/83 van de Commissie van 22 juni 1983 betreffende de toepassing van artikel 85, lid 3, van het Verdrag op groepen exclusieve afnameovereenkomsten (PB L 173, blz. 5).
(4) Verordening (EG) nr. 2790/1999 van de Commissie van 22 december 1999 betreffende de toepassing van artikel 81, lid 3, van het Verdrag op groepen verticale overeenkomsten en onderling afgestemde feitelijke gedragingen (PB L 336, blz. 21).
Full & Egal Universal Law Academy