6.6.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 129/11
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Raad van State (Nederland) op 3 april 2009 — Smit Reizen BV tegen Minister van Verkeer en Waterstaat
(Zaak C-124/09)
2009/C 129/18
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Raad van State
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekster: Smit Reizen BV
Verweerder: Minister van Verkeer en Waterstaat
Prejudiciële vragen
1)
Hoe moet, tegen de achtergrond van artikel 1, aanhef en onder 5, van verordening (EEG) nr. 3820/85 (1) van de Raad van 20 december 1985 tot harmonisatie van bepaalde voorschriften van sociale aard voor het wegvervoer, en van artikel 15 van verordening (EEG) nr. 3821/85 (2) van de Raad van 20 december 1985 betreffende het controleapparaat in het wegvervoer, het begrip „exploitatiecentrum”, zoals vermeld in de overwegingen 21 en verder van het arrest van het Hof van Justitie van 18 januari 2001 in de zaak C-297/99 (3), Skills Motor Coaches Ltd. worden geïnterpreteerd?
2)
Maakt het voor de beoordeling van de vraag of sprake is van rusttijd, zoals bedoeld in artikel 1, aanhef en onder 5, van verordening (EEG) nr. 3820/85 […], verschil of de betrokken bestuurder zelf naar een plaats rijdt waar hij een voertuig waarin een controleapparaat moet worden geïnstalleerd, zal overnemen, of dat hij door iemand anders daarheen wordt gereden?
(1) PB L 370, blz. 1.
(2) PB L 370, blz. 8.
(3) Jurispr. blz. I-573.
Full & Egal Universal Law Academy