7.11.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 267/37
Hogere voorziening ingesteld op 11 augustus 2009 door A2A SpA, voorheen ASM Brescia SpA, tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Achtste kamer — uitgebreid) van 11 juni 2009 in zaak T-189/03, ASM Brescia SpA/Commissie van de Europese Gemeenschappen
(Zaak C-318/09 P)
2009/C 267/68
Procestaal: Italiaans
Partijen
Rekwirante: A2A SpA, voorheen ASM Brescia SpA (vertegenwoordigers: A. Santa Maria, A. Giardina, C. Croff en G. Pizzonia, advocaten)
Andere partij in de procedure: Commissie van de Europese Gemeenschappen
Conclusies
—
het arrest in zaak T-189/03 vernietigen wegens schending van het gemeenschapsrecht, in het bijzonder van artikel 87 EG, alsmede wegens gebrek aan motivering, voor zover daarbij de driejarige vrijstelling van vennootschapsbelasting als staatssteun wordt aangemerkt;
—
het arrest vernietigen wegens verkeerde en tegenstrijdige toepassing van het gemeenschapsrecht, voor zover daarbij de driejarige vrijstelling van vennootschapsbelasting niet als bestaande steun wordt aangemerkt;
—
het arrest vernietigen wegens schending van het gemeenschapsrecht, voor zover daarbij de rechtmatigheid van het in de beschikking vervatte bevel tot terugvordering wordt bevestigd; en dus
—
de beschikking (1) nietig verklaren, voor zover daarbij wordt vastgesteld dat de overgangsregeling gedurende welke de fiscale behandeling van de plaatselijke nutsbedrijven waarin de overheid een meerderheidsdeelneming heeft, ongewijzigd blijft, met de gemeenschappelijke markt onverenigbare steun vormt (artikel 2 van de beschikking), en/of voor zover Italië daarbij wordt gelast die steun van de begunstigden terug te vorderen (artikel 3 van de beschikking);
—
de Commissie verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
1)
Met haar eerste middel stelt A2A SpA schending door het Gerecht van artikel 87, lid 1, EG en gebrek aan motivering, voor zover in het arrest de driejarige vrijstelling van vennootschapsbelasting als staatssteun wordt aangemerkt. Rekwirante betoogt in het bijzonder dat de Commissie in haar beschikking niet heeft aangetoond dat in casu is voldaan aan twee van de in artikel 87, lid 1, EG genoemde voorwaarden, te weten vervalsing van de mededinging en ongunstige beïnvloeding van het handelsverkeer tussen de lidstaten. Verder is het Gerecht niet genoegzaam nagegaan op welke premissen de Commissie de kwalificatie als „steun” heeft gebaseerd, wat het in het kader van het door de gemeenschapsrechtspraak verlangde „volledige” onderzoek nochtans had moeten doen.
2)
Met haar tweede middel stelt rekwirante subsidiair schending door het Gerecht van artikel 88 EG en van de motiveringsplicht, en verzoekt zij tegelijk om vernietiging van het arrest, voor zover daarbij de driejarige vrijstelling van vennootschapsbelasting als „nieuwe steun” wordt aangemerkt. In het bijzonder heeft het Gerecht, dat de beweringen van de Commissie slaafs heeft overgenomen, ontkend dat de gedurende drie jaar geldende „standstill”-maatregelen ten gunste van de in vennootschappen op aandelen omgezette gemeentelijke bedrijven als „bestaande steun” kunnen worden beschouwd. Tot de tegengestelde bevinding komt men evenwel wanneer men bedenkt dat de betrokken belastingvrijstellingsregeling ook vóór de inwerkingtreding van het EG-Verdrag van toepassing was op de gemeentelijke bedrijven die, zoals de Commissie zelf heeft toegegeven, dezelfde economische eenheid vormen als de „wet nr. 142/90-vennootschappen”.
3)
Met haar derde middel verzoekt A2A ten slotte, meer subsidiair, om vernietiging van het arrest wegens schending van het gemeenschapsrecht en van de daarin verankerde beginselen, voor zover daarbij de rechtmatigheid van het in de beschikking vervatte bevel tot terugvordering wordt bevestigd. Volgens rekwirante moet het arrest worden vernietigd, voor zover daarbij, anders dan in de precedenten van de communautaire rechterlijke instanties, de rechtmatigheid van het in de beschikking vervatte algemene bevel wordt bevestigd en in wezen wordt verklaard dat de nationale autoriteiten elke beoordelingsvrijheid ontberen.
(1) Beschikking 2003/193/EG van de Commissie van 5 juni 2002 inzake de steunmaatregel betreffende belastingvrijstellingen en leningen tegen gunstige voorwaarden die Italië heeft verstrekt ten gunste van nutsbedrijven waarin de overheid een meerderheidsdeelneming heeft (PB 2003, L 77, blz. 21).
Full & Egal Universal Law Academy