13.3.2010
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 63/31
Beroep ingesteld op 22 december 2009 — Europese Commissie/Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland
(Zaak C-545/09)
2010/C 63/51
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: J. Currall, B. Eggers, gemachtigden)
Verwerende partij: Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland
Conclusies
—
Verklaren dat artikel 12, lid 4, sub a, van het Verdrag houdende het Statuut van de Europese scholen (1) aldus moet worden uitgelegd en toegepast dat leerkrachten die door een lidstaat worden gedetacheerd, tijdens hun detachering dezelfde mogelijkheden hebben met betrekking tot promotie en salarisverhoging als leerkrachten die in de lidstaat werkzaam zijn, en dat de uitsluiting van bepaalde door het Verenigd Koninkrijk gedetacheerde leerkrachten, tijdens hun detachering, van de toegang tot hogere salarisschalen (die bekend staan als „drempelsalaris”, „regeling voor uitstekende leerkrachten”, „leerkrachten met gevorderde vaardigheden”) en tot andere toeslagen (zoals de „toeslag voor het onderwijzen en leren van verantwoordelijkheden”), alsook van de bevordering in bestaande salarisschalen, die open staan voor leerkrachten die werken op gesubsidieerde scholen in Engeland en Wales, onverenigbaar is met de artikelen 12, lid 4, sub a, en 25, lid 1, van het Verdrag;
—
het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Dit beroep krachtens artikel 26 van het Verdrag houdende het Statuut van de Europese scholen (hierna: „Verdrag”) betreft de uitlegging en toepassing van de artikelen 12, lid 4, sub a, en 25, lid 1, van het Verdrag.
Volgens het Verdrag worden de leerkrachten aan de Europese scholen gedetacheerd door hun lidstaat van oorsprong. Artikel 12, lid 4, sub a, van het Verdrag bepaalt dat gedetacheerde leerkrachten „de door hun nationale rechtspositie gewaarborgde rechten op bevordering en pensionering [behouden]”. Niettemin wordt het salaris van de door het Verenigd Koninkrijk gedetacheerde leerkrachten tijdens de detacheringsperiode „bevroren”. Bij de Europese scholen gedetacheerde leerkrachten wordt derhalve de toegang ontzegd tot hogere salarisschalen (die bekend staan als „drempelsalaris”, „regeling voor uitstekende leerkrachten”, „leerkrachten met gevorderde vaardigheden”) en andere toeslagen (zoals de „toeslagen voor het onderwijzen en leren van verantwoordelijkheden”) alsook tot de bevordering in bestaande salarisschalen, die open staan voor leerkrachten die werken op gesubsidieerde scholen in Engeland en Wales.
Dit beleid is in strijd met de bewoordingen en de doelstelling van artikel 12, lid 4, sub a, van het Verdrag. Het vermindert de pensioenrechten van de betrokken leerkrachten en hun carrièrevooruitzichten bij terugkeer naar het Verenigd Koninkrijk. Bovendien heeft het een nadelige invloed op het budget van de Unie, dat het verschil draagt tussen een lager nationaal salaris en de aanvulling van de Gemeenschap voor gedetacheerde leerkrachten.
Artikel 12, lid 4, sub a, van het Verdrag en dientengevolge artikel 25, lid 1, van het Verdrag moeten derhalve aldus worden uitgelegd en toegepast dat gedetacheerde leerkrachten worden verzekerd van volledige toegang tot hogere salarisschalen, bevordering in huidige salarisschalen en andere toelagen.
(1) PB L 212, 17.8.1994, blz. 3.
Full & Egal Universal Law Academy