13.3.2010
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 63/32
Beroep ingesteld op 23 december 2009 — Europese Commissie/Republiek Oostenrijk
(Zaak C-551/09)
2010/C 63/52
Procestaal: Duits
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: K. Gross en M. Adam, gemachtigden)
Verwerende partij: Republiek Oostenrijk
Conclusies
1)
vaststellen dat de Republiek Oostenrijk de verplichtingen niet is nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 288 VWEU en artikelen 1 tot en met 3 van de beschikking van de Commissie van 30 april 2008 in steunprocedure C 56/2007 (ex NN 77/2006) betreffende de staatssteun van Oostenrijk voor de privatisering van Bank Burgenland (2008/719/EG), door niet alle maatregelen te treffen die nodig zijn voor het terugvorderen van de steun.
2)
vaststellen dat de Republiek Oostenrijk de verplichtingen niet is nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 288 VWEU en artikel 4 van de beschikking van de Commissie van 30 april 2008 in steunprocedure C 56/2007 (ex NN 77/2006) betreffende de staatssteun van Oostenrijk voor de privatisering van Bank Burgenland (2008/719/EG), door aan de Commissie niet tijdig de voor de berekening van het steunbedrag benodigde gegevens mee te delen.
3)
verweerster verwijzen in de kosten van de procedure.
Middelen en voornaamste argumenten
De Commissie is van mening dat de termijn waarbinnen de Republiek Oostenrijk ingevolge de beschikking van de Commissie van 30 april 2008 in steunprocedure C 56/2007 (ex NN 77/2006) betreffende de staatssteun van Oostenrijk voor de privatisering van Bank Burgenland (2008/719/EG), de voor de berekening van het steunbedrag benodigde gegevens moest meedelen, is verstreken.
Een door de Commissie en de Republiek Oostenrijk na afloop van bovengenoemde termijn bereikt akkoord over de hoogte van het terug te vorderen bedrag, is door de Republiek Oostenrijk herroepen, op grond dat de door de terugvordering geraakte vennootschap ingeval van een betalingverplichting voornemens is de koop van Bank Burgenland te ontbinden. Deze ontbinding zou volgens de Republiek Oostenrijk ernstige gevolgen hebben voor de economie van de deelstaat Burgenland. Volgens de Commissie rechtvaardigt dit evenwel niet dat wordt afgezien van de gevorderde terugbetaling.
Het beroep in rechte tegen bovengenoemde beschikking kan evenmin afbreuk doen aan de verplichting om deze ten uitvoer te leggen.
Full & Egal Universal Law Academy