Beschikking van het Hof (Zevende kamer) van 6 mei 2010 – Goldman Management/Commissie en Bulgarije
(Zaak C‑507/09 P)
„Hogere voorziening – Artikel 119 van Reglement voor procesvoering – Nalaten van Commissie om niet-nakomingsprocedure in te leiden tegen Republiek Bulgarije – Nalaten van Bulgaarse regering om te handelen in kader van internrechtelijk geschil – Vergoeding van schade die ten gevolge van dit dubbele nalaten zou zijn geleden – Hogere voorziening kennelijk niet‑ontvankelijk”
Hogere voorziening – Middelen – Loutere herhaling van voor Gerecht aangevoerde middelen en argumenten – Ontbreken van aanwijzing van gestelde onjuiste rechtsopvatting – Niet-ontvankelijkheid (Art. 256 VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58, eerste alinea; Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 112, lid 1, sub c) (cf. punten 11‑13)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen de beschikking van het Gerecht van eerste aanleg (Zevende kamer) van 16 november 2009, Goldman Management/Commissie en Bulgarije, houdende verwerping van het beroep strekkende, enerzijds, tot vaststelling dat de Commissie ten onrechte heeft nagelaten een niet-nakomingsprocedure in te leiden tegen Bulgarije en dat deze lidstaat zelf ten onrechte heeft nagelaten om te handelen op de door verzoekende partij in het kader van een zuiver intern geschil geformuleerde verzoeken, en anderzijds, tot vergoeding van de schade die verzoekende partij ten gevolge van dit dubbele nalaten zou hebben geleden
Dictum
1)
De hogere voorziening wordt afgewezen.
2)
Goldman Management Inc. draagt haar eigen kosten.
Full & Egal Universal Law Academy