21.3.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 69/51
Hogere voorziening ingesteld op 26 januari 2009 door Luigi Marcuccio tegen de beschikking van het Gerecht voor ambtenarenzaken van 4 november 2008 in zaak F-18/07, Marcuccio/Commissie
(Zaak T-32/09 P)
(2009/C 69/111)
Procestaal: Italiaans
Partijen
Rekwirant: Luigi Marcuccio (Tricase, Italië) (vertegenwoordiger: G. Cipressa, advocaat)
Andere partij bij de procedure: Commissie van de Europese Gemeenschappen
Conclusies
—
In elk geval:
(A.1)
de bestreden beschikking volledig vernietigen;
(A.2)
het beroep in eerste aanleg volledig ontvankelijk verklaren.
—
Primair:
(B.1)
rekwirants vorderingen in eerste aanleg volledig toewijzen;
(B.2)
de verwijzende partij veroordelen tot betaling van alle kosten en honoraria die rekwirant voor de procedure in eerste aanleg en voor de hogere voorziening heeft gemaakt.
—
Subsidiair:
(B.3)
de zaak terugverwijzen naar het Gerecht voor ambtenarenzaken in een andere samenstelling voor een nieuwe uitspraak over de zaak.
Middelen en voornaamste argumenten
Deze hogere voorziening is gericht tegen de beschikking van het Gerecht voor ambtenarenzaken van 4 november 2008 in zaak F-18/07, Marcuccio/Commissie, waarbij rekwirants beroep kennelijk niet-ontvankelijk is verklaard.
Tot staving van de hogere voorziening voert hij het volgende aan:
—
volledig ontbreken van motivering met betrekking tot de kwalificatie van de in punt 3 van de bestreden beschikking genoemde nota van 11 oktober 2005 als verzoek in de zin van artikel 90 van het Statuut met als gevolg dat in casu de bepalingen van artikel 90 van het Statuut zijn toegepast;
—
volledig ontbreken van motivering met betrekking tot de verklaringen over de datum waarop rekwirant de nota van 11 oktober 2005 heeft ontvangen en de datum waarop het litigieuze besluit is genomen;
—
onwettige vaststellingen met betrekking tot de vermeende kennelijke niet-ontvankelijkheid van het beroep in eerste aanleg in zijn geheel.
Volledig ontbreken van motivering, ook wegens het volledig ontbreken van een onderzoek, in verband met de datum van de indiening van het verweerschrift en een procedurele fout, aangezien geen rekening is gehouden met het feit dat het verweerschrift buiten beschouwing moet blijven, voor zover het te laat is ingediend.
—
Schending van het recht op een eerlijk proces neergelegd in artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en in artikel 47 van het Handvest voor grondrechten van de Europese Unie.
Full & Egal Universal Law Academy