1.5.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 102/18
Beroep ingesteld op 13 februari 2009 — Swarovski / BHIM — Swarovski (Daniel Swarovski Privat)
(Zaak T-55/09)
2009/C 102/30
Taal van het verzoekschrift: Duits
Partijen
Verzoekende partij: Daniel Swarovski (Volders, Oostenrijk) (vertegenwoordiger: R. Küppers, advocaat)
Verwerende partij: Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen)
Andere partij in de procedure voor de kamer van beroep: Swarovski AG (Triesen, Liechtenstein)
Conclusies
—
de beslissing van de eerste kamer van beroep van 9 november 2008 in zaak R 0348/2008-1 vernietigen;
—
het beroep verwerpen;
—
het Bureau verwijzen in de kosten van de procedure, de kosten van de procedure voor de kamer van beroep daaronder begrepen.
Middelen en voornaamste argumenten
Aanvrager van het gemeenschapsmerk: verzoeker
Betrokken gemeenschapsmerk: het woordmerk „Daniel Swarovski Privat” voor waren en diensten van de klassen 3, 4, 8, 9, 15, 16, 18, 20, 21, 26, 28, 29, 30, 31, 32, 33, 39 en 44 (aanvraagnr. 3 981 099)
Houder van het oppositiemerk of -teken in de oppositieprocedure: Swarovski AG
Oppositiemerk of -teken: het woordmerk „DANIEL SWAROVSKI” voor waren en diensten van de klassen 16, 18, 21, 25 en 41 (gemeenschapsmerk nr. 3 895 133); het woordmerk „Swarovski” voor waren en diensten van de klassen 2, 3, 6, 8, 9, 11, 16, 18, 19, 20, 21, 24, 25, 28, 34, 35 en 41 (gemeenschapsmerk nr. 3 895 091); het woordmerk „Swarovski” voor diensten van klasse 36 (Oostenrijks woordmerk nr. 218 795); het woordmerk „Swarovski” voor waren van de klassen 11, 16, 21 en 34 (Oostenrijks woordmerk nr. 96 389) en het woordmerk „Swarovski” voor waren van de klassen 8, 9, 11, 14, 18, 21, 25 en 26 (internationale merkinschrijving voor Italië nr. 528 189)
Beslissing van de oppositieafdeling: gedeeltelijke toewijzing van de oppositie
Beslissing van de kamer van beroep: gedeeltelijke verwerping van het beroep
Aangevoerde middelen: schending van artikel 8, lid 1, sub b, en lid 5, van verordening nr. 40/94 (1), aangezien er geen gevaar voor verwarring tussen de conflicterende merken bestaat, de vereiste inbreuken op het oudere merk niet zijn aangetoond en de omvang van de bescherming van het oudere merk bovendien onjuist is bepaald.
(1) Verordening (EG) nr. 40/94 van de Raad van 20 december 1993 inzake het gemeenschapsmerk (PB 1994, L 11, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy