20.6.2009
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 141/55
Hogere voorziening ingesteld op 20 april 2009 door Luigi Marcuccio tegen de beschikking van het Gerecht voor ambtenarenzaken van 18 februari 2009 in zaak F-42/08, Marcuccio/Commissie
(Zaak T-157/09 P)
2009/C 141/112
Procestaal: Italiaans
Partijen
Rekwirant: Luigi Marcuccio (Tricase, Italië) (vertegenwoordiger: G. Cipressa, advocaat)
Andere partij bij de procedure: Commissie van de Europese Gemeenschappen
Conclusies
—
de beschikking van 18 februari 2009 in zaak F-42/08 (hierna: „betrokken zaak”), Marcuccio/Commissie, van de Eerste kamer van het Gerecht voor ambtenarenzaken volledig en zonder uitzondering vernietigen;
—
het beroep in eerste aanleg, waarin de bestreden beschikking is gegeven, volledig ontvankelijk verklaren en bovendien
primair
—
het petitum van het beroep in eerste aanleg, dat hier uitdrukkelijk voor alle rechtsgevolgen wordt overgenomen, volledig en zonder uitzondering toewijzen;
—
de verwerende partij veroordelen tot betaling aan rekwirant van alle door hem gedragen rechten en honoraria zowel in verband met de procedure in eerste aanleg als in verband met deze procedure, dan wel
subsidiair:
—
de zaak terugwijzen naar het Gerecht voor ambtenarenzaken in een andere samenstelling voor een nieuwe uitspraak over de zaak.
Middelen en voornaamste argumenten
Deze hogere voorziening is gericht tegen de beschikking van het Gerecht voor ambtenarenzaken van 18 februari 2009, waarbij het door rekwirant ingestelde beroep strekkende tot vergoeding van de schade die hij geleden zou hebben als gevolg van de omstandigheid dat de Commissie hem een nota heeft gestuurd naar een faxnummer waarover hij geen beschikking had, kennelijk niet-ontvankelijk is verklaard.
Ter onderbouwing van de hogere voorziening beroept rekwirant zich op het volledig ontbreken van motivering met betrekking tot:
—
de niet-ontvankelijkheid van de vordering tot schadevergoeding;
—
de niet-ontvankelijkheid van de vorderingen strekkende tot vaststelling, door het Gerecht, „van de onwettigheid van het feit waardoor de betrokken schade is ontstaan”;
—
de datum van de indiening van het verweerschrift. Op dit punt beroept rekwirant zich ook op een procedurefout, wegens niet-inachtneming van de verplichting om geen rekening te houden met de inhoud van het verweerschrift wanneer het te laat is ingediend, die zo ernstig is dat rekwirants belangen zijn geschaad.
Rekwirant beroept zich voorts op schending van het recht op een eerlijk proces, van artikel 6 van het Europees Verdrag ter bescherming van de rechten van de mens en van artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
Full & Egal Universal Law Academy