29.10.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 319/6
Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 15 september 2011 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Rechtbank van eerste aanleg te Leuven — België) — Olivier Halley, Julie Halley, Marie Halley/Belgische Staat
(Zaak C-132/10) (1)
(Directe belastingen - Vrij verkeer van kapitaal - Artikel 63 VWEU - Successierechten over aandelen op naam - Verjaringstermijn voor waardering van aandelen in niet-ingezeten vennootschappen die langer is dan voor aandelen in ingezeten vennootschappen - Beperking - Rechtvaardiging)
2011/C 319/09
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Rechtbank van eerste aanleg te Leuven
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Olivier Halley, Julie Halley, Marie Halley
Verwerende partij: Belgische Staat
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Rechtbank van eerste aanleg te Leuven — Uitlegging van de artikelen 26, 49, 63 en 65 VWEU — Nationale wettelijke regeling die voor successierechten verschuldigd over aandelen op naam voorziet in een verjaringstermijn van twee jaar wanneer de zetel van de werkelijke leiding van de vennootschap die de aandelen heeft uitgegeven, zich in de betrokken lidstaat bevindt en in een verjaringstermijn van tien jaar in de andere gevallen
Dictum
Artikel 63 VWEU dient aldus te worden uitgelegd dat het zich verzet tegen de wettelijke regeling van een lidstaat als die welke in het hoofdgeding aan de orde is, volgens welke inzake successierechten een verjaringstermijn van tien jaar geldt voor de waardering van aandelen op naam in een vennootschap waarvan de overledene aandeelhouder was en waarvan de zetel van de werkelijke leiding in een andere lidstaat is gelegen, terwijl diezelfde termijn twee jaar bedraagt wanneer de zetel van de werkelijke leiding in eerstgenoemde lidstaat is gelegen.
(1) PB C 134 van 22.5.2010.
Full & Egal Universal Law Academy