16.6.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 174/5
Arrest van het Hof (Grote kamer) van 2 mei 2012 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de High Court of Justice (England & Wales), Chancery Division — Verenigd Koninkrijk) — SAS Institute Inc./World Programming Ltd
(Zaak C-406/10) (1)
(Intellectuele eigendom - Richtlijn 91/250/EEG - Rechtsbescherming van computerprogramma’s - Artikelen 1, lid 2, en 5, lid 3 - Omvang van bescherming - Rechtstreekse creatie of creatie via ander procedé - Door auteursrecht beschermd computerprogramma - Kopiëren van functies in tweede programma, zonder toegang tot broncode van eerste programma - Decompilatie van doelcode van eerste computerprogramma - Richtlijn 2001/29/EG - Auteursrecht en naburige rechten in informatiemaatschappij - Artikel 2, sub a - Gebruikshandleiding van computerprogramma - Reproductie in ander computerprogramma - Schending van auteursrecht - Voorwaarde - Uitdrukking van eigen intellectuele schepping van auteur van gebruikshandleiding)
2012/C 174/05
Procestaal: Engels
Verwijzende rechter
High Court of Justice (Chancery Division)
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: SAS Institute Inc.
Verwerende partij: World Programming Ltd
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — High Court of Justice (Chancery Division) — Uitlegging van de artikelen 2, lid 1, en 5, lid 3, van richtlijn 91/250/EEG van de Raad van 14 mei 1991 betreffende de rechtsbescherming van computerprogramma’s (PB L 122, blz. 42) — Omvang van de bescherming — Rechtstreekse creatie of creatie via een ander procédé, zoals de decompilatie van de doelcode, van een computerprogramma dat de functies van een ander, reeds auteursrechtelijk beschermd computerprogramma kopieert, zonder toegang tot de broncode van dit programma
Dictum
1)
Artikel 1, lid 2, van richtlijn 91/250/EEG van de Raad van 14 mei 1991 betreffende de rechtsbescherming van computerprogramma’s, moet aldus worden uitgelegd dat noch de functionaliteit van een computerprogramma, noch de programmeertaal en de indeling van gegevensbestanden die in het kader van een computerprogramma worden gebruikt om bepaalde van de functies van dat programma te kunnen benutten, een uitdrukkingswijze van dit programma vormen en uit dien hoofde worden beschermd door het auteursrecht op computerprogramma’s in de zin van deze richtlijn.
2)
Artikel 5, lid 3, van richtlijn 91/250 moet aldus worden uitgelegd dat degene die onder licentie een kopie van een computerprogramma heeft verkregen, zonder de toestemming van de auteursrechthebbende de functionaliteit van dit programma kan observeren, bestuderen of uittesten teneinde vast te stellen welke ideeën en beginselen aan een element van dat programma ten grondslag liggen, wanneer deze persoon door die licentie gedekte handelingen verricht, alsook handelingen waarbij het programma wordt geladen en uitgevoerd en die voor het gebruik van het computerprogramma noodzakelijk zijn, op voorwaarde dat hij geen afbreuk doet aan de exclusieve rechten van de rechthebbende van dit programma.
3)
Artikel 2, sub a, van richtlijn 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij, moet aldus worden uitgelegd dat de reproductie in een computerprogramma of in een gebruikshandleiding voor dit programma van bepaalde elementen die in de handleiding van een ander, auteursrechtelijk beschermd computerprogramma zijn beschreven, een inbreuk kan vormen op het auteursrecht op laatstgenoemde handleiding indien deze reproductie de uitdrukking vormt van de eigen intellectuele schepping van de auteur van de auteursrechtelijk beschermde gebruikshandleiding van het computerprogramma, hetgeen de verwijzende rechter dient te verifiëren.
(1) PB C 346 van 18.12.2010.
Full & Egal Universal Law Academy