28.1.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 25/15
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 17 november 2011 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de High Court of Justice (Queen’s Bench Division) — Verenigd Koninkrijk) — Deo Antoine Homawoo/GMF Assurances SA
(Zaak C-412/10) (1)
(Justitiële samenwerking in burgerlijke zaken - Op niet-contractuele verbintenissen toepasselijke recht - Verordening (EG) nr. 864/2007 - Temporele werkingssfeer)
2012/C 25/23
Procestaal: Engels
Verwijzende rechter
High Court of Justice (Queen’s Bench Division)
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Deo Antoine Homawoo
Verwerende partij: GMF Assurances SA
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — High Court of Justice (Queen’s Bench Division) (Verenigd Koninkrijk) — Uitlegging van de artikelen 15 (sub c), 31 en 32 van verordening (EG) nr. 864/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 11 juli 2007 betreffende het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen (Rome II) (PB L199, blz. 40), en van artikel 297 VWEU — Temporele werkingssfeer — Strekking van het op schadeveroorzakende gebeurtenissen toepasselijke recht
Dictum
De artikelen 31 en 32 van verordening (EG) nr. 864/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 11 juli 2007 betreffende het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen („Rome II”), gelezen in samenhang met artikel 297 VWEU, moeten aldus worden uitgelegd dat een nationale rechterlijke instantie deze verordening enkel dient toe te passen op schadeveroorzakende gebeurtenissen die zich vanaf 11 januari 2009 hebben voorgedaan en dat de datum van de inleiding van de procedure tot schadevergoeding of de datum van de vaststelling van het toepasselijke recht door de rechterlijke instantie bij wie de zaak aanhangig is gemaakt, geen invloed op de bepaling van de temporele werkingssfeer van deze verordening heeft.
(1) PB C 301 van 6.11.2010.
Full & Egal Universal Law Academy