28.1.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 25/18
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 24 november 2011 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door het Tribunal Supremo — Spanje) — Asociación Nacional de Establecimientos Financieros de Crédito (ASNEF) (C-468/10), Federación de Comercio Electrónico y Marketing Directo (FECEMD) (C-469/10)/Administración del Estado
(Gevoegde zaken C-468/10 en C-469/10) (1)
(Verwerking van persoonsgegevens - Richtlijn 95/46/EG - Artikel 7, sub f - Rechtstreekse werking)
2012/C 25/30
Procestaal: Spaans
Verwijzende rechter
Tribunal Supremo
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Asociación Nacional de Establecimientos Financieros de Crédito (ASNEF) (C-468/10), Federación de Comercio Electrónico y Marketing Directo (FECEMD) (C-469/10)
Verwerende partij: Administración del Estado
Voorwerp
Verzoeken om een prejudiciële beslissing — Tribunal Supremo — Uitlegging van artikel 7, sub f, van richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (PB L 281, blz. 31) — Verwerking van gegevens door verantwoordelijken en mededeling aan derden met het oog op de behartiging van hun respectief gerechtvaardigd belang — Extra voorwaarden — Rechtstreekse werking van de bepalingen van een richtlijn
Dictum
1)
Artikel 7, sub f, van richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, moet in die zin worden uitgelegd dat het zich verzet tegen een nationale wettelijke regeling die, bij ontbreken van toestemming van de betrokkene, de mogelijkheid tot verwerking van diens persoonsgegevens, die noodzakelijk is voor de behartiging van een gerechtvaardigd belang van de voor die verwerking verantwoordelijke of van de derde(n) aan wie de gegevens zullen worden meegedeeld, niet alleen afhankelijk stelt van de voorwaarde dat de fundamentele rechten en vrijheden van de betrokkene niet worden geschonden, maar ook van het vereiste dat de gegevens in voor het publiek toegankelijke bronnen zijn opgenomen, en aldus elke verwerking van gegevens die niet in dergelijke voor het publiek toegankelijke bronnen zijn opgenomen, categorisch en algemeen uitsluit.
2)
Artikel 7, sub f, van richtlijn 95/46 heeft rechtstreekse werking.
(1) PB C 346 van 18.12.2010.
Full & Egal Universal Law Academy