31.8.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 252/5
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 11 juli 2013 — Europese Commissie/Tsjechische Republiek
(Zaak C-545/10) (1)
(Niet-nakoming - Vervoer - Richtlijn 91/440/EEG - Ontwikkeling van spoorwegen in Gemeenschap - Artikel 10, lid 7 - Toezichthoudende instantie - Bevoegdheden - Richtlijn 2001/14/EG - Toewijzing van spoorweginfrastructuurcapaciteit - Artikel 4, lid 1 - Kaderregeling voor heffingen - Artikel 6, lid 2 - Stimulansen voor infrastructuurbeheerder om kosten van verschaffing van infrastructuur evenals hoogte van toegangsrechten te verminderen - Artikel 7, lid 3 - Vaststelling van heffingen voor minimumtoegangspakket en toegang via het spoor tot voorzieningen - Rechtstreeks uit exploitatie van treindienst voortvloeiende kosten - Artikel 11 - Prestatieregeling - Artikel 30, lid 5 - Toezichthouder - Bevoegdheden - Administratief beroep tegen besluiten van toezichthouder)
2013/C 252/06
Procestaal: Tsjechisch
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: M. Šimerdová en H. Støvlbæk, gemachtigden)
Verwerende partij: Tsjechische Republiek (vertegenwoordigers: M. Smolek en T. Müller, gemachtigden)
Interveniënt aan de zijde van de verwerende partij: Koninkrijk Spanje (vertegenwoordiger: S. Centeno Huerta, gemachtigde)
Voorwerp
Niet-nakoming — Verzuim om binnen de gestelde termijn alle bepalingen vast te stellen die noodzakelijk zijn om uitvoering te geven aan artikel 10, lid 7, van richtlijn 91/440/EEG van de Raad van 29 juli 1991 betreffende de ontwikkeling van de spoorwegen in de Gemeenschap (PB L 237, blz. 25), en aan de artikelen 4, lid 1, 6, lid 2, 7, lid 3, 11 en 30, lid 5, van richtlijn 2001/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2001 inzake de toewijzing van spoorweginfrastructuurcapaciteit en de heffing van rechten voor het gebruik van spoorweginfrastructuur (PB L 75, blz. 29)
Dictum
1)
Door niet de wettelijke en bestuursrechtelijke maatregelen te treffen die noodzakelijk zijn om zich te voegen naar de artikelen 4, lid 1, 6, lid 2, 11 en 30, lid 5, van richtlijn 2001/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2001 inzake de toewijzing van spoorweginfrastructuurcapaciteit en de heffing van rechten voor het gebruik van spoorweginfrastructuur, zoals gewijzigd bij richtlijn 2004/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004, is de Tsjechische Republiek de krachtens die bepalingen op haar rustende verplichtingen niet nagekomen.
2)
Het beroep wordt verworpen voor het overige.
3)
De Europese Commissie, de Tsjechische Republiek en het Koninkrijk Spanje zullen hun eigen kosten dragen.
(1) PB C 38 van 5.2.2011.
Full & Egal Universal Law Academy