26.1.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 26/2
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 22 november 2012 — Usha Martin Ltd/Raad van de Europese Unie, Europese Commissie
(Zaak C-552/10 P) (1)
(Hogere voorziening - Dumping - Verordening (EG) nr. 121/2006 - Invoer van stalen kabels uit onder meer India - Besluit 2006/38/EG - Verordening (EG) nr. 384/96 - Artikel 8, lid 9 - In kader van antidumpingprocedures aangeboden verbintenissen)
2013/C 26/03
Procestaal: Engels
Partijen
Rekwirante: Usha Martin Ltd (vertegenwoordigers: V. Akritidis en E. Petritsi, dikigoroï, en F. Crespo, advocaat)
Andere partijen in de procedure: Raad van de Europese Unie (vertegenwoordigers: B. Driessen, gemachtigde, G. Berrisch, Rechtsanwalt, en N. Chesaites, barrister), Europese Commissie (vertegenwoordigers: T. Scharf en S. Thomas, gemachtigden)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen het arrest van het Gerecht (Vijfde kamer) van 9 september 2010, Usha Martin/Raad en Commissie (T-119/06), waarbij het Gerecht een beroep heeft verworpen strekkende tot nietigverklaring van enerzijds besluit 2006/38/EG van de Commissie van 22 december 2005 tot wijziging van besluit 1999/572/EG tot aanvaarding van de verbintenissen die zijn aangeboden in het kader van de antidumpingprocedure betreffende de invoer van stalen kabels uit onder meer India (PB 2006, L 22, blz. 54), en anderzijds verordening (EG) nr. 121/2006 van de Raad van 23 januari 2006 tot wijziging van verordening (EG) nr. 1858/2005 houdende instelling van een definitief antidumpingrecht op de invoer van stalen kabels van oorsprong uit onder meer India (PB L 22, blz. 1)
Dictum
1)
De hogere voorziening wordt afgewezen.
2)
Usha Martin Ltd wordt verwezen in de kosten van de onderhavige procedure.
(1) PB C 55 van 19.2.2011.
Full & Egal Universal Law Academy