16.6.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 174/10
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 26 april 2012 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door de Hoge Raad der Nederlanden) — Staatssecretaris van Financiën/L.A.C. van Putten (C-578/10), P. Mook (C-579/10), G. Frank (C-580/10)
(Gevoegde zaken C-578/10–C-580/10) (1)
(Artikelen 18 EG en 56 EG - Personenauto’s - Gebruik in lidstaat van geleende personenauto die in andere lidstaat is geregistreerd - Belasting op dit voertuig in eerstgenoemde lidstaat bij aanvang van gebruik op nationaal wegennet)
2012/C 174/13
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Hoge Raad der Nederlanden
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Staatssecretaris van Financiën
Verwerende partijen: L.A.C. van Putten (C-578/10), P. Mook (C-579/10), G. Frank (C-580/10)
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Hoge Raad der Nederlanden — Uitlegging van artikel 18 EG (thans artikel 21 WVEU) — Nationale wettelijke regeling waarbij aanvang van gebruik met auto van nationaal wegennet aan registratiebelasting wordt onderworpen — Belastingplichtigheid van inwoner van betrokken lidstaat die in andere lidstaat geregistreerde auto heeft gehuurd van inwoner van die andere lidstaat voor kortstondig gebruik voor privédoeleinden in eerstgenoemde lidstaat
Dictum
Artikel 56 EG moet aldus worden uitgelegd dat het zich verzet tegen een regeling van een lidstaat volgens welke zijn inwoners die een in een andere lidstaat geregistreerd voertuig hebben geleend van een inwoner van laatstgenoemde staat, bij aanvang van het gebruik van dit voertuig op het nationale wegennet gehouden zijn tot betaling van het volledige bedrag van een belasting die normaliter verschuldigd is ter zake van de registratie van een voertuig in eerstgenoemde lidstaat, zonder dat rekening wordt gehouden met de duur van het gebruik van dit voertuig op dit wegennet en zonder dat deze personen aanspraak op vrijstelling of teruggaaf kunnen maken wanneer dit voertuig niet is bestemd om hoofdzakelijk in eerstgenoemde lidstaat duurzaam te worden gebruikt of daar feitelijk niet duurzaam wordt gebruikt.
(1) PB C 72 van 5.3.2011.
Full & Egal Universal Law Academy