Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 7 april 2011 – Commissie/Luxemburg
(Zaak C‑305/10)
„Niet-nakoming – Spoorvervoer – Richtlijn 2005/47/EG – Arbeidsvoorwaarden voor mobiele werknemers die interoperabele grensoverschrijdende diensten in spoorwegsector verrichten – Overeenkomst tussen sectorale sociale partners op Europees niveau – Niet-uitvoering binnen gestelde termijn”
1. Beroep wegens niet-nakoming – Onderzoek van gegrondheid door Hof – In aanmerking te nemen situatie – Situatie bij verstrijken van in met redenen omkleed advies gestelde termijn (Art. 258 VWEU; richtlijn 2005/47 van de Raad) (cf. punten 8, 11‑13)
2. Beroep wegens niet-nakoming – Recht van beroep van Commissie – Discretionaire uitoefening (Art. 258 VWEU) (cf. punt 9)
Voorwerp
Beroep wegens niet-nakoming – Verzuim om binnen de gestelde termijn de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen en/of mee te delen die zijn voorgeschreven door richtlijn 2005/47/EG van de Raad van 18 juli 2005 betreffende de overeenkomst tussen de Gemeenschap van Europese Spoorwegen (CER) en de Europese Federatie van Vervoerswerknemers (ETF) inzake bepaalde aspecten van de arbeidsvoorwaarden voor mobiele werknemers die interoperabele grensoverschrijdende diensten in de spoorwegsector verrichten (PB L 195, blz. 15)
Dictum
1)
Door niet binnen de gestelde termijn alle wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen die noodzakelijk zijn om te voldoen aan richtlijn 2005/47/EG van de Raad van 18 juli 2005 betreffende de overeenkomst tussen de Gemeenschap van Europese Spoorwegen (CER) en de Europese Federatie van Vervoerswerknemers (ETF) inzake bepaalde aspecten van de arbeidsvoorwaarden voor mobiele werknemers die interoperabele grensoverschrijdende diensten in de spoorwegsector verrichten, is het Groothertogdom Luxemburg de krachtens deze richtlijn op hem rustende verplichtingen niet nagekomen.
2)
Het Groothertogdom Luxemburg wordt verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy