Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 30 juni 2011 – Commissie/België
(Zaak C‑397/10)
„Niet-nakoming – Artikel 56 VWEU – Vrij verrichten van diensten – Nationale regeling die aantal eisen stelt voor activiteiten van uitzendbureaus – Ongerechtvaardigde belemmeringen”
1. Beroep wegens niet-nakoming – Onderzoek van gegrondheid door Hof – In aanmerking te nemen situatie – Situatie bij verstrijken van in met redenen omkleed advies gestelde termijn (Art. 258 VWEU) (Art. 56 VWEU)
2. Vrij verrichten van diensten – Beperkingen – Nationale regeling die voor activiteiten van uitzendbureaus eist dat deze, enerzijds, terbeschikkingstelling van werknemers als enig vennootschappelijk doel hebben, en anderzijds, bijzondere rechtsvorm hebben – Ontoelaatbaarheid – Rechtvaardiging – Geen (Art. 56 VWEU) (cf. punt 13)
Voorwerp
Niet-nakoming – Schending van artikel 56 VWEU – Beperking van vrij verrichten van diensten – Nationale regeling die een aantal eisen stelt voor activiteiten van in andere lidstaten gevestigde uitzendbureaus – Ongerechtvaardigde belemmeringen
Dictum
1)
Door aan uitzendbureaus die hun diensten op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest verrichten de volgende eisen te stellen:
– dat zij als enig vennootschappelijk doel de terbeschikkingstelling van werknemers hebben, en
– dat zij een bijzondere rechtsvorm hebben,
is het Koninkrijk België de krachtens artikel 56 VWEU op hem rustende verplichtingen niet nagekomen.
2)
Het Koninkrijk België wordt verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy