17.7.2010
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 195/14
Hogere voorziening ingesteld op 20 mei 2010 door KEK Diavlos tegen het arrest van het Gerecht (Enkelvoudige kamer) van 18 maart 2010 in zaak T-190/07, KEK Diavlos/Europese Commissie
(Zaak C-251/10 P)
2010/C 195/20
Procestaal: Grieks
Partijen
Rekwirante: KEK Diavlos (vertegenwoordiger: D. Chatzimichalis, dikigoros)
Andere partij in de procedure: Europese Commissie
Conclusies
—
de onderhavige hogere voorziening in al haar elementen toewijzen;
—
op de in het verzoekschrift vermelde gronden het bestreden arrest van het Gerecht (Enkelvoudige kamer) van 18 maart 2010 in zaak T-190/07 vernietigen, het beroep in eerste aanleg van rekwirante tegen beschikking C(2006) 465 def. van de Commissie van 23 februari 2006 in al zijn elementen toewijzen en die beschikking en elke daarmee samenhangende handeling en/of beschikking van de Commissie nietig verklaren;
—
de Europese Commissie, andere partij in de procedure, verwijzen in de kosten van rekwirante en het honorarium van haar advocaat in de twee instanties.
Middelen en voornaamste argumenten
Met haar hogere voorziening van 20 mei 2010 komt de vennootschap KEK Diavlos op tegen het arrest van het Gerecht (Enkelvoudige kamer) van 18 maart 2010 in zaak T-190/07, en verzoekt zij om vernietiging ervan, om toewijzing in al zijn elementen van haar voormelde beroep tegen beschikking C(2006) 465 def. van de Commissie van 23 februari 2006 en om nietigverklaring van die beschikking en elke daarmee samenhangende handeling en/of beschikking van de Commissie.
De gronden tot vernietiging van dat arrest kunnen worden samengevat als volgt:
Eerste grond tot vernietiging: Het bestreden arrest heeft op onjuiste en ontoereikende gronden het beroep van rekwirante in zijn geheel met alle aangevoerde argumenten verworpen, terwijl het dat beroep in zijn geheel of althans ten dele had moeten toewijzen. Meer bepaald houdt het bestreden arrest helmaal geen rekening met het voor de uitkomst van het geding bepalende argument dat rekwirante haar contractuele verplichting tot het uitgeven, op 1 000 exemplaren (voor elke taal), van een drukwerk met alle nodige informatie om leerlingen op de overgang naar de euro voor te bereiden, is nagekomen door het uitgeven van een informatiebrochure met verschillende bladzijden over dat onderwerp (bijlagen viii, ix en x); bovendien vertoont het bestreden arrest een gebrek aan motivering met betrekking tot de beoordeling van de informatiebrochures die rekwirante overeenkomstig haar contractuele verplichtingen heeft uitgegeven.
Tweede grond tot vernietiging: Het bestreden arrest is gebrekkig omdat het de wet, en meer bepaald artikel 48 van het Reglement voor de procesvoering heeft geschonden, door het afwijzen van het voorstel van rekwirante om aanvullende bewijzen voor te dragen en meer bepaald door het weigeren van de termijn die zij ter terechtzitting had gevraagd om bepaalde documenten over te leggen inzake de door de Commissie vastgestelde „onregelmatigheden”, en meer bepaald inzake de termijn waarbinnen de betrokken uitgaven in de boekhouding van rekwirante zijn opgenomen, in verband met de mogelijkheid om ze op grond van de overeenkomst en haar bijlage II als „subsidiabel” te beschouwen.
Derde grond tot vernietiging: het bestreden arrest van het Gerecht (Enkelvoudige kamer) van 18 maart 2010 heeft rekwirante ten onrechte verwezen in de kosten van de Commissie, terwijl het krachtens artikel 87, lid 3, van het Reglement voor de procesvoering de proceskosten over de partijen had moeten verdelen of rekwirante, als in het ongelijk gestelde partij, alleen tot een deel van de kosten van de Commissie had moeten verwijzen, gelet op de omstandigheden.
Full & Egal Universal Law Academy