28.8.2010
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 234/26
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Tribunal da Relação de Guimarães (Portugal) op 17 juni 2010 — Vítor Hugo Marques Almeida/Companhia de Seguros Fidelidade-Mundial SA, Jorge Manuel da Cunha Carvalheira, Paulo Manuel Carvalheira, Fundo de Garantia Automóvel
(Zaak C-300/10)
2010/C 234/42
Procestaal: Portugees
Verwijzende rechter
Tribunal da Relação de Guimarães
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Vítor Hugo Marques Almeida
Verwerende partijen: Companhia de Seguros Fidelidade-Mundial SA, Jorge Manuel da Cunha Carvalheira, Paulo Manuel Carvalheira, Fundo de Garantia Automóvel
Prejudiciële vragen
a)
Moeten artikel 3, lid 1, van de Eerste richtlijn (72/166/EEG) (1), artikel 2, lid 1, van de Tweede richtlijn (84/5/EEG) (2) en de artikelen 1 en 1 bis van de Derde richtlijn (90/232/EEG) (3) aldus worden uitgelegd dat zij eraan in de weg staan dat het nationale burgerlijk recht (inzonderheid de artikelen 503, lid 1, 504, 505 en 570 Código civil) erin voorziet dat in geval van een aanrijding tussen voertuigen waaraan geen van de bestuurders schuld heeft en een inzittende van een van de voertuigen lichamelijk letsel heeft overgehouden (de benadeelde die schadevergoeding vordert), de aan die inzittende verschuldigde schadevergoeding moet worden geweigerd of beperkt, op grond dat hij aan het ontstaan van de schade heeft bijgedragen, aangezien hij naast de bestuurder zat en geen autogordel droeg, hoewel het nationale recht dat voorschrijft,
b)
nu is aangetoond dat die inzittende bij de aanrijding tussen de betrokken voertuigen, doordat hij geen autogordel droeg, met zijn hoofd tegen de voorruit klapte, waardoor de voorruit brak en hij diepe snijwonden aan het hoofd en het gelaat opliep, en
c)
nu de vordering, doordat een van de betrokken voertuigen geen geldige en doeltreffende verzekering bij een verzekeringsmaatschappij ten tijde van het ongeval had, naast tegen de verzekeringsmaatschappij van het andere betrokken voertuig, ook is gericht tegen de eigenaar van het onverzekerde voertuig, de bestuurder daarvan en het Fundo de Garantia Automóvel, die hoofdelijk kunnen worden verplicht tot betaling van de schadevergoeding, voor zover er sprake is van schuldloze risicoaansprakelijkheid?
(1) Richtlijn van de Raad van 24 april 1972 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe de deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven en de controle op de verzekering tegen deze aansprakelijkheid (PB L 103, blz. 1).
(2) Richtlijn van de Raad van 30 december 1983 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe de deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven (PB 1984, L 8, blz. 17).
(3) Richtlijn van de Raad van 14 mei 1990 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven (PB L 129, blz. 33).
Full & Egal Universal Law Academy