20.11.2010
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 317/25
Beroep ingesteld op 27 september 2010 — Europese Commissie/Helleense Republiek
(Zaak C-466/10)
2010/C 317/44
Procestaal: Grieks
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: M. Patakia en M. Kukovec)
Verwerende partij: Helleense Republiek
Conclusies
—
vaststellen dat de Helleense Republiek, door gebruik te maken van de procedure van gunning door onderhandelingen zonder bekendmaking van een aankondiging van een opdracht voor het beheer van gevaarlijk en besmettelijk medisch afval van de ziekenhuizen binnen het ressort van het eerste Dioikisi Ygeionomikis Perifereias Attikis (directoraat Volksgezondheid van de regio Attica), de krachtens artikel 28 van richtlijn 2004/18/EG op haar rustende verplichtingen niet is nagekomen, voor zover niet is voldaan aan de voorwaarden voor de uitzonderingen als bedoeld in artikel 31 van de richtlijn, in het bijzonder de voorwaarden van artikel 31, lid 1, sub c, die rechtvaardigen dat van de algemene regel wordt afgeweken en dat gebruik wordt gemaakt van de in dat artikel bedoelde uitzonderingsprocedure;
—
de Helleense Republiek verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
1)
Na ontvangst van een klacht heeft de Europese Commissie een onderzoek gevoerd naar de oproep van de gezondheidscommissie tot deelname aan een procedure van gunning door onderhandelingen zonder bekendmaking van een aankondiging van een opdracht voor het beheer van gevaarlijk en besmettelijk medisch afval van de ziekenhuizen binnen het ressort van het eerste Dioikisi Ygeionomikis Perifereias Attikis.
2)
De Commissie herinnert eraan dat in de regel een aankondiging van opdracht is vereist, waarin welomlijnde en duidelijke voorwaarden worden gesteld. De procedure van gunning door onderhandelingen zonder bekendmaking van een aankondiging van opdracht is daarentegen slechts bij uitzondering toegestaan, in de zeer specifieke gevallen als bedoeld in de artikelen 30 en 31 van richtlijn 2004/18/EG, die eng moeten worden uitgelegd, en het bewijs dat er wel degelijk sprake is van buitengewone omstandigheden die een afwijking rechtvaardigen, moet worden geleverd door degene die zich op de betrokken bepalingen beroept.
3)
Volgens de Commissie blijkt uit de oproep in kwestie dat de aanbestedende dienst weliswaar de uitzonderingsprocedure als bedoeld in artikel 31, lid 1, sub c, van richtlijn 2004/18/EG heeft toegepast, maar niet heeft bewezen dat was voldaan aan de in die bepaling gestelde voorwaarden, die een beroep op die procedure rechtvaardigen.
4)
De Commissie is van mening dat de aanbestedende dienst, door gebruik te maken van een procedure van gunning door onderhandelingen zonder bekendmaking van een aankondiging van opdracht, de krachtens artikel 28 van de richtlijn op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen, nu niet is voldaan aan de voorwaarden voor de uitzonderingen als bedoeld in artikel 31 van de richtlijn, in het bijzonder de voorwaarden van artikel 31, lid 1, sub c, die rechtvaardigen dat van de algemene regel wordt afgeweken en dat gebruik wordt gemaakt van de in dat artikel bedoelde uitzonderingsprocedure.
Full & Egal Universal Law Academy