5.2.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 38/7
Beroep ingesteld op 29 november 2010 — Europese Commissie/Portugese Republiek
(Zaak C-557/10)
2011/C 38/08
Procestaal: Portugees
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: H. Støvlbæk en M. França)
Verwerende partij: Portugese Republiek
Conclusies
—
vaststellen dat met betrekking tot het eerste spoorwegpakket de Portugese Republiek de verplichtingen niet is nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 5, lid 3, van richtlijn 91/440/EEG van de Raad van 29 juli 1991 betreffende de ontwikkeling van de spoorwegen in de Gemeenschap (1) (zoals gewijzigd bij richtlijn 2001/12/EG (2)), artikel 7, lid 3, van richtlijn 91/440/EEG en artikel 6, lid 1, van richtlijn 2001/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2001 inzake de toewijzing van spoorweginfrastructuurcapaciteit en de heffing van rechten voor het gebruik van spoorweginfrastructuur alsmede inzake veiligheidscertificering (3),
—
de Portugese Republiek verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Beheersmatige onafhankelijkheid
Artikel 5, lid 3, van richtlijn 91/440 bevat een lijst van beslissingen die de spoorwegondernemingen zonder staatsinmenging moeten kunnen nemen. Het betreft beslissingen inzake personeel, activa en eigen aankopen. Deze beslissingen moeten evenwel worden genomen binnen het kader van de door de Staat vastgestelde richtsnoeren voor het algemene beleid. In Portugal bepaalt de Staat, ten aanzien van de overheidsonderneming CP, echter niet alleen algemene strategische richtsnoeren voor de verwerving en vervreemding van deelnemingen in andere ondernemingen, maar vereist de Staat bovendien dat individuele beslissingen van deze overheidsonderneming om deelnemingen in het kapitaal van vennootschappen te verwerven of te vervreemden door de regering worden goedgekeurd. Daarom is de Commissie van mening dat Portugal de krachtens artikel 5, lid 3, van richtlijn 91/440 (zoals gewijzigd) op haar rustende verplichtingen niet nakomt.
Tarieven voor toegang tot de spoorweginfrastructuur
Overeenkomstig artikel 7, lid 3, van richtlijn 91/440 (zoals gewijzigd) en artikel 6, lid 1, van richtlijn 2001/14 moeten de lidstaten de voorwaarden scheppen die noodzakelijk zijn om ervoor te zorgen dat in de boeken van de spoorweginfrastructuurbeheerder een evenwicht bestaat. In Portugal zijn de inkomsten uit heffingen voor het gebruik van de infrastructuur, uit overheidsfinancieringen en andere opbrengsten uit commerciële activiteiten evenwel ontoereikend om de rekeningen van de infrastructuurbeheerder, de overheidsonderneming REFER E.P., in evenwicht te brengen. Daarom is de Commissie van mening dat Portugal de krachtens artikel 7, lid 3, van richtlijn 91/440 (zoals gewijzigd) en artikel 6, lid 1, van richtlijn 2001/14 op haar rustende verplichtingen niet nakomt.
(1) PB L 237, blz. 25.
(2) PB L 75, blz. 1.
(3) PB L 75, blz. 29.
Full & Egal Universal Law Academy