Beschikking van het Hof (Zevende kamer) van 19 november 2010 – Uznański / Polen
(Zaak C‑143/10 P)
„Hogere voorziening – Artikel 119 van Reglement voor procesvoering – Beroep door natuurlijke persoon of rechtspersoon ingesteld tegen lidstaat – Kennelijke onbevoegdheid van Gerecht – Hogere voorziening kennelijk ongegrond”
1. Procedure – Beroep door natuurlijke persoon of rechtspersoon ingesteld tegen lidstaat en strekkende tot nietigverklaring van bepalingen van nationaal recht – Kennelijke onbevoegdheid van rechter van Unie (Art. 13, lid 2, VEU en art. 263 VWEU) (cf. punten 12‑13)
2. Recht van de Unie – Beginselen – Recht op effectieve rechterlijke bescherming – Schending van recht van Unie door nationale autoriteiten van lidstaat – Adiëring van rechterlijke instanties van Unie door Commissie of andere lidstaat en adiëring van bevoegde nationale rechterlijke instanties door natuurlijke persoon of rechtspersoon – Geen aantasting van effectiviteit van rechterlijke bescherming (Art. 6 VEU) (cf. punten 14‑15)
Voorwerp
Hogere voorziening ingesteld tegen de beschikking van het Gerecht van eerste aanleg (Achtste kamer) van 27 november 2009, Uznański/Polen (T‑348/09) houdende verwerping van het door verzoeker ingestelde beroep tot nietigverklaring van een handeling waarbij de Poolse autoriteiten een aantal onroerende zaken in beslag hadden genomen – Onbevoegdheid van het Gerecht.
Dictum
1)
De hogere voorziening wordt afgewezen.
2)
A. T. Uznański draagt zijn eigen kosten.
Full & Egal Universal Law Academy