Beschikking van het Hof (Vijfde kamer) van 14 maart 2011 – Ravensburger/BHIM
(Zaak C‑369/10 P)
„Hogere voorziening – Gemeenschapsmerk – Gemeenschapswoordmerk MEMORY – Nietigheidsprocedure – Absolute weigeringsgrond – Beschrijvend karakter – Verordening (EG) nr. 40/94 – Artikel 7, lid 1, sub c”
Gemeenschapsmerk – Afstand, verval en nietigheid – Absolute nietigheidsgronden – Inschrijving in strijd met artikel 7, lid 1, sub c, van verordening nr. 40/94 (Verordening nr. 40/94 van de Raad, art. 7, lid 1, sub c, en 51, lid 1, sub a) (cf. punten 54‑58)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen het arrest van het Gerecht (Achtste kamer) van 19 mei 2010, Ravensburger/BHIM (T‑108/09), waarbij het Gerecht heeft verworpen een beroep tot vernietiging van beslissing R 305/2008‑2 van de tweede kamer van beroep van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (BHIM) van 8 januari 2009 houdende verwerping van het beroep tegen de beslissing van de nietigheidsafdeling houdende nietigverklaring van het woordmerk „MEMORY” voor waren van de klassen 9 en 28, in het kader van de door Educa Borras ingediende vordering tot nietigverklaring
Dictum
1)
De hogere voorziening wordt afgewezen.
2)
Ravensburger AG wordt verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy