26.5.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 151/8
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 29 maart 2012 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Verwaltungsgericht Mainz — Duitsland) — Interseroh Scrap and Metal Trading GmbH/Sonderabfall-Management-Gesellschaft Rheinland-Pfalz mbH (SAM)
(Zaak C-1/11) (1)
(Milieu - Verordening (EG) nr. 1013/2006 - Artikel 18, leden 1 en 4 - Overbrenging van bepaalde afvalstoffen - Artikel 3, lid 2 - Verplichte vermeldingen - Identiteit van producent afvalstoffen - Niet-vermelding door doorverkoper - Bescherming van zakengeheimen)
2012/C 151/15
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Verwaltungsgericht Mainz
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Interseroh Scrap and Metal Trading GmbH
Verwerende partij: Sonderabfall-Management-Gesellschaft Rheinland-Pfalz mbH (SAM)
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Verwaltungsgericht Mainz — Uitlegging van artikel 18, leden 1 en 4, van verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen (PB L 190, blz. 1) — Document bedoeld in bijlage VII bij die verordening, dat informatie bevat die hoort bij de overbrenging van bepaalde afvalstoffen — Recht van een tussenpersoon om in dat document niet de identiteit van de afvalstoffenproducenten te vermelden, teneinde zijn klantengegevens te beschermen tegenover de koper
Dictum
1)
Artikel 18, lid 4, van verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 308/2009 van de Commissie van 15 april 2009, moet aldus worden uitgelegd dat een doorverkoper die een overbrenging van afvalstoffen organiseert niet de mogelijkheid heeft, de identiteit van de producent van de afvalstoffen niet — zoals bepaald in lid 1 van dat artikel, gelezen in samenhang met bijlage VII bij de betrokken verordening — aan de ontvanger van de overbrenging te onthullen, zelfs al zou die niet-onthulling nodig zijn ter bescherming van de zakengeheimen van die doorverkoper.
2)
Artikel 18, lid 1, van verordening nr. 1013/2006, zoals gewijzigd bij verordening nr. 308/2009, moet aldus worden uitgelegd dat in geval van een onder die bepaling vallende overbrenging van afvalstoffen een doorverkoper vakje 6 van het document van bijlage VII bij verordening nr. 1013/2006, zoals gewijzigd door verordening nr. 308/2009, dient in te vullen en dit document aan de ontvanger dient te overhandigen, zonder dat de omvang van die verplichting kan worden beperkt door een recht op bescherming van zakengeheimen.
(1) PB C 95 van 26.3.2011.
Full & Egal Universal Law Academy