24.11.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 366/11
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 27 september 2012 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Arbeidshof te Brussel — België) — Partena VZW/Les Tartes de Chaumont-Gistoux SA
(Zaak C-137/11) (1)
(Sociale zekerheid van migrerende werknemers - Verordening (EEG) nr. 1408/71 - Artikelen 13 en 14 quater - Toepasselijke wetgeving - Zelfstandigen - Socialezekerheidsregeling - Aansluiting - Persoon die werkzaamheden in loondienst of geen werkzaamheden verricht in ene lidstaat - Werkzaamheden anders dan in loondienst in andere lidstaat - Mandataris van vennootschap - Verblijf in andere lidstaat dan die van zetel van vennootschap - Besturen van vennootschap vanuit staat van verblijf - Nationale regeling die onweerlegbaar vermoeden bevat dat beroepsbezigheid als zelfstandige wordt uitgeoefend in lidstaat van zetel van vennootschap - Verplichte aansluiting bij sociaal statuut van zelfstandigen van die lidstaat)
2012/C 366/18
Procestaal: Frans
Verwijzende rechter
Arbeidshof te Brussel
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Partena VZW
Verwerende partij: Les Tartes de Chaumont-Gistoux SA
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Arbeidshof — Uitlegging van artikel 21 VWEU en van de artikelen 13 en 14 quater van verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen (PB L 149, blz. 2) — Werknemer die gelijktijdig een werkzaamheid in loondienst in een lidstaat en een werkzaamheid anders dan in loondienst in een andere lidstaat uitoefent — Onderwerping aan het sociaal statuut van zelfstandigen van een persoon die in een andere lidstaat woont en die vanuit het buitenland een aan de belastingswetgeving van die eerstbedoelde lidstaat onderworpen vennootschap bestuurt — Non-discriminatie en burgerschap van de Unie
Dictum
Het Unierecht, met name de artikelen 13, lid 2, sub b, en 14 quater, sub b, van verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 1606/98 van de Raad van 29 juni 1998, en bijlage VII daarbij, verzet zich tegen een nationale regeling zoals die welke in het hoofdgeding aan de orde is, voor zover deze toestaat dat een lidstaat er op onweerlegbare wijze van uitgaat dat het besturen, vanuit een andere lidstaat, van een aan de belasting van die eerste staat onderworpen vennootschap, een uitoefening van bestuurswerkzaamheden op zijn grondgebied is.
(1) PB C 179 van 18.6.2011.
Full & Egal Universal Law Academy