24.11.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 366/12
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 27 september 2012 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Conseil d’État — Frankrijk) — CIMADE, Groupe d’information et de soutien des immigrés (Gisti)/Ministre de l’Intérieur, de l’Outre-mer, des Collectivités territoriales et de l’Immigration
(Zaak C-179/11) (1)
(Asielverzoeken - Richtlijn 2003/9/EG - Minimumnormen voor opvang van asielzoekers in lidstaten - Verordening (EG) nr. 343/2003 - Verplichting om asielzoekers minimale opvangvoorzieningen te garanderen gedurende procedure van overname of terugname door verantwoordelijke lidstaat - Bepaling van lidstaat die moet instaan voor financiële last van verstrekking van minimale voorzieningen)
2012/C 366/19
Procestaal: Frans
Verwijzende rechter
Conseil d’État
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: CIMADE, Groupe d’information et de soutien des immigrés (Gisti)
Verwerende partij: Ministre de l’Intérieur, de l’Outre-mer, des Collectivités territoriales et de l’Immigration
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Conseil d’État (Frankrijk) — Uitlegging van richtlijn 2003/9/EG van de Raad van 27 januari 2003 tot vaststelling van minimumnormen voor de opvang van asielzoekers in de lidstaten (PB L 31, blz. 18) en van verordening (EG) nr. 343/2003 van de Raad van 18 februari 2003 tot vaststelling van de criteria en instrumenten om te bepalen welke lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielverzoek dat door een onderdaan van een derde land bij een van de lidstaten wordt ingediend (PB L 50, blz. 1) — Draagwijdte van de verplichting om asielzoekers minimale opvangvoorzieningen te verstrekken gedurende de procedure van overname of terugname door de verantwoordelijke lidstaat — Bepaling van de lidstaat die moet instaan voor de financiële last van het verstrekken van minimale opvangvoorzieningen gedurende de bedoelde periode
Dictum
1)
Richtlijn 2003/9/EG van de Raad van 27 januari 2003 tot vaststelling van minimumnormen voor de opvang van asielzoekers in de lidstaten, moet aldus worden uitgelegd dat een lidstaat waarbij een asielverzoek wordt ingediend, de in richtlijn 2003/9 vastgestelde minimale opvangvoorzieningen voor asielzoekers ook moet verstrekken aan een asielzoeker ten aanzien van wie hij overeenkomstig verordening (EG) nr. 343/2003 van de Raad van 18 februari 2003 tot vaststelling van de criteria en instrumenten om te bepalen welke lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielverzoek dat door een onderdaan van een derde land bij een van de lidstaten wordt ingediend, besluit een andere lidstaat, als lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek, om overname of terugname te verzoeken.
2)
De verplichting van de lidstaat waarbij een asielverzoek wordt ingediend, om de minimale opvangvoorzieningen van richtlijn 2003/9 te verstrekken aan een asielzoeker ten aanzien van wie hij overeenkomstig verordening nr. 343/2003 besluit een andere lidstaat, als lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek, om overname of terugname te verzoeken, eindigt wanneer de asielzoeker door de verzoekende lidstaat daadwerkelijk wordt overgedragen. De verzoekende lidstaat, waarop voornoemde verplichting rust, moet instaan voor de financiële last van het verstrekken van deze minimale voorzieningen.
(1) PB C 186 van 25 juni 2011.
Full & Egal Universal Law Academy