3.8.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 225/21
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 13 juni 2013 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door de Conseil d’État — Frankrijk) — Etablissement national des produits de l’agriculture et de la mer (FranceAgriMer), rechtsopvolger van het Office national interprofessionnel des fruits, des légumes, des vins et de l’horticulture (Viniflhor)/Société anonyme d’intérêt collectif agricole Unanimes (C-671/11 en C-672/11), Organisation de producteurs Les Cimes (C-673/11), Société Agroprovence (C-674/11), Regalp SA (C-675/11), Coopérative des producteurs d’asperges de Montcalm (COPAM) (C-676/11)
(Gevoegde zaken C-671/11 – C-676/11) (1)
(Landbouw - Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw - Begrip „gecontroleerde periode” - Mogelijkheid tot verlenging en situering in tijd van gecontroleerde periode - Doelstelling van doeltreffendheid van controles - Rechtszekerheid)
2013/C 225/34
Procestaal: Frans
Verwijzende rechter
Conseil d’État
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Etablissement national des produits de l’agriculture et de la mer (FranceAgriMer), rechtsopvolger van het Office national interprofessionnel des fruits, des légumes, des vins et de l’horticulture (Viniflhor)
Verwerende partijen: Société anonyme d’intérêt collectif agricole Unanimes (C-671/11 en C-672/11), Organisation de producteurs Les Cimes (C-673/11), Société Agroprovence (C-674/11), Regalp SA (C-675/11), Coopérative des producteurs d’asperges de Montcalm (COPAM) (C-676/11)
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Conseil d’État — Uitlegging van artikel 2, lid 4, van verordening (EEG) nr. 4045/89 van de Raad van 21 december 1989 inzake de door de lidstaten uit te voeren controles op de verrichtingen in het kader van de financieringsregeling van de afdeling Garantie van het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw en houdende intrekking van richtlijn 77/435/EEG (PB L 388, blz. 18) — Begrip „controleperiode” — Mogelijkheid tot verlenging door een lidstaat van de controleperiode gelet op de vereisten van bescherming van de financiële belangen van de Unie — Verplichting tot beperking van de controleperiode — Terugbetaling van een deel van de ontvangen steun
Dictum
Artikel 2, lid 4, tweede alinea, van verordening (EEG) nr. 4045/89 van de Raad van 21 december 1989 inzake de door de lidstaten uit te voeren controles op de verrichtingen in het kader van de financieringsregeling van de afdeling Garantie van het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw en houdende intrekking van richtlijn 77/435/EEG, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 3094/94 van de Raad van 12 december 1994, moet aldus worden uitgelegd dat wanneer een lidstaat gebruikmaakt van de mogelijkheid om de gecontroleerde periode te verlengen, deze periode niet noodzakelijkerwijs tijdens de voorgaande controleperiode hoeft te verstrijken, maar eveneens na deze periode kan verstrijken. Deze bepaling moet evenwel eveneens aldus worden uitgelegd dat zij de marktdeelnemers geen recht verleent op grond waarvan zij zich kunnen verzetten tegen andere of uitgebreidere controles dan die welke daarin zijn bedoeld. Dat een controle uitsluitend een periode bestrijkt die vóór het begin van de voorgaande controleperiode verstrijkt, kan er op zich dan ook niet toe leiden dat deze controle ten aanzien van de gecontroleerde marktdeelnemers onregelmatig wordt.
(1) PB C 89 van 24.03.2012
Full & Egal Universal Law Academy