12.3.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 80/16
Beroep ingesteld op 25 januari 2011 — Europese Commissie/Tsjechische Republiek
(Zaak C-37/11)
2011/C 80/31
Procestaal: Tsjechisch
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: Z. Malůšková en H. Tserepa-Lacombe, gemachtigden)
Verwerende partij: Tsjechische Republiek
Conclusies
—
vaststellen dat de Tsjechische Republiek de verplichtingen niet is nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 115 van verordening (EG) nr. 1234/2007 (1), gelezen in samenhang met punt I, lid 2, eerste en tweede alinea, van bijlage XV daarbij en deel A, punten 1 en 4, van het aanhangsel bij voornoemde bijlage, door in § 1, lid 2, sub q, van decreet nr. 77/2003 te bepalen dat onder „smeerbare boter” (pomazánkové máslo) moet worden verstaan een melkproduct op basis van met poedermelk of karnemelk verrijkte zure room met een melkvetgehalte van minstens 31 gewichtspercenten en een gehalte aan droge stof van minstens 42 gewichtspercenten, en door toe te staan dat een dergelijk product onder de verkoopbenaming „smeerbare boter” in de handel wordt gebracht;
—
de Tsjechische Republiek verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Artikel 115 van verordening (EG) nr. 1234/2007, gelezen in samenhang met punt I, lid 2, eerste en tweede alinea, van bijlage XV daarbij en deel A, punt 1, van het aanhangsel bij voornoemde bijlage, bepaalt dat de verkoopbenaming „boter” voorbehouden is aan producten met een melkvetgehalte van ten minste 80 % en een gehalte aan water van ten hoogste 16 %. In de Tsjechische Republiek wordt bij § 1, lid 2, sub q, van decreet nr. 77/2003 van het ministerie van Landbouw van 6 maart 2003 onder de verkoopbenaming „smeerbare boter” een product op de markt gebracht dat de vorm aanneemt van een vaste, kneedbare emulsie van het type water in olie, hoofdzakelijk wordt verkregen uit zure room en een melkvetgehalte van minstens 31 gewichtspercenten en een gehalte aan droge stof van minstens 42 gewichtspercenten bevat. Aangezien het product „smeerbare boter” een lager dan het voorgeschreven gehalte aan melkvet bevat, voldoet het niet aan de voorwaarden waaronder de verkoopbenaming „boter” mag worden gebruikt, zodat de voornoemde bepalingen van het recht van de Unie zijn geschonden.
Volgens punt I, lid 2, tweede alinea, van bijlage XV juncto deel A, punt 4, van het aanhangsel bij bijlage XV van verordening (EG) nr. 1234/2007, dient voor melkproducten met een melkvetgehalte van minder dan 39 % de verkoopbenaming „melkvetproduct X %” te worden gebruikt. „Smeerbare boter” wordt niet onder deze benaming in de handel gebracht, zodat de voornoemde bepalingen van het recht van de Unie zijn geschonden.
Bij wijze van uitzondering mogen producten die niet aan de bovenstaande parameters voldoen, tóch onder de verkoopbenaming „boter” in de handel worden gebracht, wanneer de vereisten van punt I, lid 2, derde alinea, sub a, van bijlage XV bij verordening (EG) nr. 1234/2007 zijn vervuld. Dergelijke producten zijn uitputtend opgesomd in de lijst van producten in bijlage I bij verordening (EG) nr. 445/2007 (2) van de Commissie. „Smeerbare boter” is niet in die lijst opgenomen, aangezien dit product niet aan de voorwaarden van punt I, lid 2, derde alinea, sub a, van bijlage XV bij verordening (EG) nr. 1234/2007 voldoet. „Smeerbare boter” kan bijgevolg niet onder de betrokken uitzonderingen vallen.
(1) PB L 299 van 16.11.2007, blz. 1.
(2) PB L 106 van 24.4.2007, blz. 24.
Full & Egal Universal Law Academy