16.4.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 120/4
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Supreme Court of the United Kingdom (Verenigd Koninkrijk) op 7 februari 2011 — JPMorgan Chase Bank N.A., Frankfurt Branch, J.P. Morgan Securities Limited/Berliner Verkehrsbetriebe (BVG), Anstalt des öffentlichen Rechts, Anstalt Des Öffentlichen Rechts
(Zaak C-54/11)
2011/C 120/07
Procestaal: Engels
Verwijzende rechter
Supreme Court of the United Kingdom
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: JPMorgan Chase Bank N.A., Frankfurt Branch, J.P. Morgan Securities Limited
Verwerende partijen: Berliner Verkehrsbetriebe (BVG), Anstalt des öffentlichen Rechts, Anstalt des öffentlichen Rechts
Prejudiciële vragen
1)
Moet de nationale rechter bij het bepalen van het onderwerp van het geschil en van het voornaamste geschilpunt in verband met de toepassing van de artikelen 22, punt 2 en 25 van de verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (1) (verordening Brussel I), uitsluitend rekening houden met de vorderingen van de verzoeker(s) of ook met de verweren of argumenten van de verweerders?
2)
Indien een partij in de loop van het geding een onderwerp aan de orde stelt dat is genoemd in artikel 22, punt 2, van de verordening Brussel I, zoals de geldigheid van het besluit van een vennootschap of andere rechtspersoon, brengt dit dan noodzakelijkerwijs mee dat die kwestie onderwerp van geschil wordt en dat het geschil voornamelijk dit punt betreft, wanneer dit punt beslissend kan zijn voor de uitkomst van het geding, ongeacht de aard en het aantal van de andere in het geding opgeworpen punten en ongeacht of deze andere punten eveneens beslissend kunnen zijn voor de uitkomst van het geding?
3)
Indien het antwoord op de tweede vraag ontkennend luidt: Dient de nationale rechter ter bepaling van het onderwerp van het geschil en van het voornaamste geschilpunt het geding in zijn geheel in aanmerking te nemen en zich een algemeen oordeel over het onderwerp en het voornaamste geschilpunt ervan vormen? Zo neen, welke criteria dient de nationale rechter dan toe te passen ter bepaling van het onderwerp van het geschil en van het voornaamste geschilpunt?
(1) PB L 12, blz. 1.
Full & Egal Universal Law Academy