30.4.2011
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 130/11
Hogere voorziening ingesteld op 16 februari 2011 door DTL Corporación, SL tegen het arrest van het Gerecht (Vierde kamer) van 15 december 2010 in zaak T-188/10, DTL Corporación, S.L./Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen) (BHIM)
(Zaak C-67/11 P)
2011/C 130/20
Procestaal: Spaans
Partijen
Rekwirante: DTL Corporación, SL (vertegenwoordiger: A. Zuazo Araluze, advocaat)
Andere partijen in de procedure: Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen) en Gestión de Recursos y Soluciones Empresariales, S.L.
Conclusies
Het arrest van het Gerecht (Vierde kamer) van 15 december 2010 in zaak T-188/10 geheel vernietigen.
De volgende vorderingen die voor het Gerecht zijn ingediend in te willigen:
1)
de beslissing van de tweede kamer van beroep van het BHIM van 17 februari 2010 in zaak R 767/2009-2 vernietigen;
2)
de beslissing herzien in die zin dat de destijds door Gestión de Recursos y Soluciones Empresariales, SL ingestelde oppositie tegen gemeenschapsmerk nr. 5153325 „SOLARIA” (beeldmerk) wordt afgewezen zodat dit gemeenschapsmerk voor de aangevraagde diensten van de klassen 37 en 42 kan worden ingeschreven;
3)
het BHIM en de andere partijen die optreden en zich verzetten tegen dit beroep, verwijzen in de kosten van deze procedure.
Middelen en voornaamste argumenten
1)
Onregelmatigheden in de procedure voor het Gerecht die rekwirante in haar belangen raken: met het verzoek tot schorsing van de behandeling overeenkomstig artikel 77, sub c en d, van het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht is totaal geen rekening gehouden (artikel 58 van het Statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie)
2)
Schending van het Unierecht door het Gerecht: het arrest schendt artikel 8, lid 1, sub b, van verordening (EG) nr. 40/94 (1) van de Raad — thans verordening (EG) nr. 207/2009 (2) van de Raad — inzake het gemeenschapsmerk, doordat daarin uitdrukkelijk wordt gesteld:
a)
dat het woordelement van het aan de orde zijnde gemeenschapsmerk een dominerend bestanddeel van het merk is
b)
dat dit woordelement geen dominerend bestanddeel van het merk is; een tegenstrijdigheid die bepalend is bij de beoordeling van het verwarringsgevaar (artikel 58 van het Statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie)
(1) van 20 december 1993 inzake het gemeenschapsmerk (PB 1994 L 11, blz. 1).
(2) van 24 maart 2009 (PB L 78, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy