Beschikking van het Hof (Zevende kamer) van 2 februari 2012 —
Elf Aquitaine/Commissie
(Zaak C‑404/11 P)
„Hogere voorziening — Verordening (EG) nr. 1/2003 — Mededinging — Mededingingsregeling — Markt van natriumchloraat — Begrip ‚onderneming’ — Vermoeden van beslissende invloed — Draagwijdte van dit vermoeden — Factoren die dit vermoeden niet kunnen weerleggen — Persoonlijke boete — Volledige rechtsmacht”
1. Hogere voorziening — Middelen — Noodzaak van precieze kritiek op onderdeel van redenering van Gerecht (Art. 256 VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58; Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 112, lid 1, sub c) (cf. punten 15, 29, 64, 76, 78, 82)
2. Mededinging — Regels van Unie — Inbreuken — Toerekening — Moedermaatschappij en dochterondernemingen — Economische eenheid — Beoordelingscriteria — Vermoeden dat moedermaatschappij beslissende invloed uitoefent op haar 100 %-dochterondernemingen (Art. 101 VWEU; verordening nr. 1/2003 van de Raad, art. 23, lid 2) (cf. punten 23, 26, 28, 31, 36, 45‑47, 57)
3. Hogere voorziening — Middelen — Middel voor het eerst aangevoerd in hogere voorziening — Niet-ontvankelijkheid (Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 113, lid 2) (cf. punten 33, 64, 72)
4. Mededinging — Geldboeten — Bedrag — Vaststelling — Afschrikkende werking van geldboete — Noodzaak bedrag vast te stellen dat hoger is dan uit inbreuk getrokken voordeel en rekening te houden met macht van onderneming (Art. 101 VWEU; verordening nr. 1/2003 van de Raad, art. 23; mededeling 2006/C 210/02 van de Commissie, punt 30) (cf. punt 86)
5. Hogere voorziening — Bevoegdheid van Hof — Weer in geding brengen, op billijkheidsgronden, van oordeel van Gerecht over bedrag van aan onderneming opgelegde geldboete — Daarvan uitgesloten (Art. 101 VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58; verordening nr. 1/2003 van de Raad, art. 23) (cf. punt 90)
Voorwerp
Hogere voorziening tegen het arrest van het Gerecht (Tweede kamer) van 17 mei 2011, Elf Aquitaine/Commissie (T‑299/08), waarbij het Gerecht heeft verworpen het beroep tot nietigverklaring dat rekwirante had ingesteld tegen beschikking C(2008) 2626 definitief van de Commissie van 11 juni 2008 betreffende een procedure overeenkomstig artikel 81 van het EG-Verdrag en artikel 53 van de EER-Overeenkomst (Zaak COMP/38.695 — Natriumchloraat) — Mededinging — Mededingingsregeling — Schending van het beginsel van bevoegdheidstoedeling en van het evenredigheidsbeginsel — Kennelijk onjuiste uitlegging — Schending van de rechten van de verdediging, het billijkheidsbeginsel en het beginsel van equality of arms — Motiveringsplicht — Onrechtmatigheid van de persoonlijke boete
Dictum
1)
De hogere voorziening wordt afgewezen.
2)
Elf Aquitaine SA wordt verwezen in de kosten.
Full & Egal Universal Law Academy