9.2.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 46/42
Arrest van het Gerecht van 11 december 2014 — Oostenrijk/Commissie
(Zaak T-251/11) (1)
((„Staatssteun - Elektriciteit - Steun voor energie-intensieve ondernemingen - Oostenrijkse wet op groene elektriciteit - Besluit waarbij de steun onverenigbaar met de interne markt wordt verklaard - Begrip staatssteun - Staatsmiddelen - Toerekenbaarheid aan de staat - Selectiviteit - Algemene groepsvrijstellingsverordening - Bevoegdheidsoverschrijding - Gelijke behandeling”))
(2015/C 046/50)
Procestaal: Duits
Partijen
Verzoekende partij: Republiek Oostenrijk (vertegenwoordigers: C. Pesendorfer, J. Bauer, gemachtigden, bijgestaan door T. Rabl, advocaat)
Verwerende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: aanvankelijk V. Kreuschitz en T. Maxian Rusche, vervolgens T. Maxian Rusche en R. Sauer, gemachtigden)
Interveniënt aan de zijde van verzoekende partij: Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland (vertegenwoordigers: aanvankelijk S. Behzadi-Spencer en S. Ossowski, vervolgens S. Behzadi-Spencer en L. Christie, gemachtigden)
Voorwerp
Verzoek tot nietigverklaring van besluit 2011/528/EU van de Commissie van 8 maart 2011 betreffende de staatssteun in zaak C 24/09 (ex N 446/08) — Staatssteun voor energie-intensieve ondernemingen, Wet op groene elektriciteit, Oostenrijk (PB L 235, blz. 42)
Dictum
1)
Het beroep wordt verworpen.
2)
De Republiek Oostenrijk wordt verwezen in de kosten.
3)
Het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland zal zijn eigen kosten dragen.
(1) PB C 232 van 6.8.2011.
Full & Egal Universal Law Academy