22.2.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 52/15
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 12 december 2013 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Consiglio di Stato — Italië) — Ministero dello Sviluppo economico, Autorità per la vigilanza sui contratti pubblici di lavori, servizi e forniture/SOA Nazionale Costruttori — Organismo di Attestazione SpA
(Zaak C-327/12) (1)
(Artikelen 101 VWEU, 102 VWEU en 106 VWEU - Openbare bedrijven en ondernemingen waaraan lidstaten bijzondere of uitsluitende rechten verlenen - Ondernemingen belast met beheer van diensten van algemeen economisch belang - Begrippen - Instellingen belast met controle of en certificering dat ondernemingen die openbare werken uitvoeren aan wettelijke voorwaarden voldoen - Artikel 49 VWEU - Vrijheid van vestiging - Beperking - Rechtvaardiging - Bescherming van ontvangers van diensten - Kwaliteit van certificeringsdiensten)
2014/C 52/24
Procestaal: Italiaans
Verwijzende rechter
Consiglio di Stato
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Ministero dello Sviluppo economico, Autorità per la vigilanza sui contratti pubblici di lavori, servizi e forniture
Verwerende partij: SOA Nazionale Costruttori — Organismo di Attestazione SpA,
In tegenwoordigheid van: Associazione nazionale Società Organismi di Attestazione (Unionsoa), SOA CQOP SpA
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Consiglio di Stato — Uitlegging van de artikelen 101 VWEU, 102 VWEU en 106 VWEU — Begrippen „openbare bedrijven en ondernemingen waaraan (de lidstaten) bijzondere of uitsluitende rechten verlenen” en „ondernemingen belast met het beheer van diensten van algemeen economisch belang” — Instellingen belast met het controleren of, en attesteren dat de ondernemingen die openbare werken uitvoeren, aan de wettelijk gestelde voorwaarden voldoen — Nationale regeling waarbij aan deze instellingen minimumtarieven worden opgelegd
Dictum
De artikelen 101 VWEU, 102 VWEU en 106 VWEU moeten aldus worden uitgelegd dat zij zich niet verzetten tegen nationale regelgeving als die in het hoofdgeding, die de ondernemingen met de hoedanigheid van certificeringsinstelling (Società Organismi di Attestazione) een regeling inzake minimumtarieven oplegt voor de certificeringsdiensten die zij verrichten ten behoeve van ondernemingen die wensen deel te nemen aan aanbestedingsprocedures voor openbare werken.
Dergelijke nationale regelgeving vormt een beperking van de vrijheid van vestiging in de zin van artikel 49 VWEU, maar is geschikt ter waarborging dat het doel, de ontvangers van die diensten te beschermen, wordt verwezenlijkt. Het staat aan de verwijzende rechter te beoordelen of die nationale regelgeving, in het bijzonder gelet op de wijze van berekening van de minimumtarieven, en met name op het feit dat die berekening geschiedt op basis van het aantal categorieën van werken waarvoor het certificaat wordt opgesteld, niet verder gaat dan nodig is om dat doel te bereiken.
(1) PB C 295 van 29.9.2012.
Full & Egal Universal Law Academy