14.4.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 112/9
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 27 februari 2014 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Okresný súd vo Svidníku — Slowakije) — Pohotovosť s.r.o./Miroslav Vašuta
(Zaak C-470/12) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Consumentenkredietovereenkomst - Oneerlijke bedingen - Richtlijn 93/13/EEG - Gedwongen tenuitvoerlegging van arbitraal vonnis - Verzoek tot interventie in tenuitvoerleggingsprocedure - Vereniging voor consumentenbescherming - Nationale wettelijke regeling op grond waarvan dergelijke interventie niet is toegestaan - Procedurele autonomie van lidstaten))
2014/C 112/10
Procestaal: Slowaaks
Verwijzende rechter
Okresný súd vo Svidníku
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Pohotovosť s.r.o.
Verwerende partij: Miroslav Vašuta
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Okresný súd vo Svidníku — Uitlegging van artikel 6, lid 1, en artikel 8 van richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten (PB L 95, blz. 29) alsmede van de artikelen 38 en 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie — Overeenkomst voor consumentenkrediet — Gedwongen tenuitvoerlegging van een arbitraal vonnis — Verzoek om interventie van een vereniging voor bescherming van de consumentenrechten in de tenuitvoerleggingsprocedure — Nationale wettelijke regeling die niet voorziet in de mogelijkheid van een interventie van derden — Mogelijkheid voor de nationale rechterlijke instantie om een dergelijke interventie toe te staan
Dictum
Richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten, met name de artikelen 6, lid 1, 7, lid 1, en 8 van deze richtlijn, junctis de artikelen 38 en 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, moet aldus worden uitgelegd dat zij zich niet verzet tegen een nationale regeling op grond waarvan het een vereniging voor consumentenbescherming niet is toegestaan te interveniëren aan de zijde van een bepaalde consument in een tegen laatstgenoemde gevoerde procedure tot tenuitvoerlegging van een in kracht van gewijsde gegaan arbitraal vonnis.
(1) PB C 46 van 16.2.2013.
Full & Egal Universal Law Academy