23.11.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 344/36
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 19 september 2013 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Conseil d’État — Frankrijk) — Conseil national de l'ordre des médecins/Ministre de l’Enseignement supérieur et de la Recherche en Ministre des Affaires sociales et de la Santé
(Zaak C-492/12) (1)
(Vrij verkeer van personen - Vrijheid van vestiging - Vrij verrichten van diensten - Richtlijn 2005/36/EG - Erkenning van beroepskwalificaties - Beroep van tandarts - Specificiteit en onderscheid met beroep van arts - Gemeenschappelijke opleiding)
2013/C 344/62
Procestaal: Frans
Verwijzende rechter
Conseil d’État
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Conseil national de l’ordre des médecins
Verwerende partijen: Ministre de l’Enseignement supérieur et de la Recherche, Ministre des Affaires sociales et de la Santé
In tegenwoordigheid van: Conseil national de l’ordre des chirurgiens-dentistes
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Conseil d'État (Frankrijk) — Uitlegging van artikel 36 van richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (PB L 255, blz. 22) — Specificiteit van het beroep van beoefenaar der tandheelkunde en onderscheid met het beroep van arts — Toelaatbaarheid van een nationale wettelijke regeling die een gemeenschappelijke universitaire opleiding voor studenten geneeskunde en tandheelkunde invoert — Toelaatbaarheid van een wettelijke regeling die leidt tot de uitoefening van eenzelfde specialisme door artsen en tandartsen
Dictum
1)
a)
Richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 1137/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2008, moet aldus worden uitgelegd dat zij zich er niet tegen verzet dat een lidstaat een gespecialiseerde opleidingscyclus instelt, zowel in de geneeskunde als in de tandheelkunde, waarvan de benaming niet overeenstemt met de voor die lidstaat vermelde benamingen in bijlage V bij die richtlijn. Een dergelijke gespecialiseerde opleiding kan zowel openstaan voor personen die enkel een medische basisopleiding hebben voltooid als voor personen die enkel de studie in het kader van de basisopleiding tandheelkunde met goed gevolg hebben volbracht.
b)
Het staat aan de nationale rechter om na te gaan of
—
die gespecialiseerde opleiding, voor zover zij niet beantwoordt aan de in de artikelen 24 en 34 van die richtlijn bedoelde vereisten inzake de basisopleidingen tot arts of beoefenaar der tandheelkunde, niet leidt tot afgifte van de titel van arts met basisopleiding of de titel van beoefenaar der tandheelkunde met basisopleiding, en
—
de titel die wordt toegekend na voltooiing van die gespecialiseerde opleiding niet het recht verleent het basisberoep van arts of beoefenaar der tandheelkunde uit te oefenen aan personen zonder de titel van arts met basisopleiding, respectievelijk beoefenaar der tandheelkunde met basisopleiding.
2)
Richtlijn 2005/36, zoals gewijzigd bij verordening nr. 1137/2008, moet aldus worden uitgelegd dat zij zich er niet tegen verzet dat medische vakken deel uitmaken van een gespecialiseerde opleiding in de tandheelkunde.
(1) PB C 26 van 26.1.2013.
Full & Egal Universal Law Academy